Normale mensen – Sally Rooney

image (49)

Volgens Lily

Normale mensen draait om 4 jaar uit het leven van Connell en Marianne. Twee jonge mensen die opgroeien in hetzelfde stadje in West-Ierland. In het begin is Connell (die uit een arm gezin komt) de populaire jongen op school en Marianne (die uit een rijk gezin komt) een vreemde eend. Wanneer ze allebei gaan studeren in Dublin verandert dat: Marianne wordt volledig meegezogen in het studentenleven terwijl Connell het moeilijk krijgt en op een gegeven moment ook weer thuis gaat wonen. Maar ze hebben en houden een bijzondere band. Het hele boek vraag je jezelf af: zullen ze elkaar krijgen of niet? Of kunnen ze elkaar veranderen of niet? Saai? Nee!

Prachtig zijn de humorvolle passages zoals wanneer Connell Emma van Jane Austen leest in de bibliotheek en daarmee moet stoppen omdat de bibliotheek sluit:

Het verbaast hem dat hij zo opgaat in de dramatiek van romans. Het voelt intellectueel niet-serieus om je bezig te houden met de vraag of fictieve mensen al dan niet met elkaar trouwen. Maar zo is het: literatuur doet wat met hem.

De Ierse Sally Rooney, slechts 27 jaar oud toen ze dit schreef, kan werkelijk schitterend schrijven. Ze schrijft zonder veel drama en poespas (nergens aanhalingstekens bijvoorbeeld), maar weet een verhaal neer te zetten dat onder je huid gaat zitten. Want er is wel degelijk drama; er speelt iets in het leven van Marianne wat niet echt wordt benoemd, maar wat je gaandeweg het verhaal gaat voelen. Normale mensen is geen normaal liefdesverhaal, maar een hele bijzondere met een mooi, ontroerend eind. Rooney speelt met de tijd, springt voor- en achteruit waardoor ze de spanning continu weet vast te houden. Een absolute aanrader! En wat fijn dat ze nog zo jong is, kunnen er nog heel veel mooie boeken volgen…

Fragment

Mariannes klasgenoten lijken het op school leuk te vinden, normaal. Elke dag hetzelfde uniform aantrekken, zich altijd aan de arbitraire regels houden, in de gaten worden gehouden en op wangedrag worden gecontroleerd, voor hen is dat normaal. Ze ervaren school niet als een onderdrukkende omgeving. Vorig jaar heeft Marianne een aanvaring gehad met Kerriga, de geschiedenisleraar, toen hij had gezien dat ze onder de les uit het raam keek, en niemand in de klas viel haar bij. Ze vond het ronduit krankzinnig dat ze elke ochtend verkleedkleren aan moest, de hele dag een enorm gebouw door werd gejaagd en niet eens mocht kijken waar ze wilde, dat zelfs haar oogbewegingen onder de jurisdictie van de school vielen. Je leert niets als je zit de dagdromen en naar buiten te kijken, had Kerrigan gezegd. Marianne was driftig geworden en had teruggesnauwd: Hou uzelf niet voor de gek, van u leerde ik toch al niets.
Connell zei laatst dat hij dat nog wist en dat hij vond dat ze wel erg hard tegen Kerrigan was uitgevallen, want hij was een van de redelijkste leraren. Maar ik snap wel wat je bedoelt, had hij eraan toegevoegd. Dat je je op school een beetje gevangen voelt, dat snap ik wel. Hij had je gewoon naar buiten moeten laten kijken, dat ben ik met je eens. Daar deed je niemand kwaad mee.

image (50)

Titel: Normale mensen
Schrijver: Sally Rooney
Uitgever: Ambo|Anthos
isbn: 9789026343445

De voorlezer van 6:27 – Jean-Paul Didierlaurent

image (41)

Volgens Lily

Met De voorlezer van 6:27 schreef Jean-Paul Didierlaurent zijn debuutroman. Een fantastisch klein verhaal over Guylain Vignolles die een onopvallend en eenzaam bestaan leidt samen met zijn goudvis. Voor zijn merkwaardige beroep durft hij niet uit te komen (zelfs zijn moeder weet niet wat hij exact doet). Maar achter de stille buitenkant van Guylain gaat een passie schuil: die voor boeken en voor lezen. In de trein van 6:27 die hem dagelijks naar zijn werk brengt, leest hij willekeurige passages voor en daar genieten veel passagiers van mee. Zo’n verhaal zet hem op het spoor van een vrouw die hij koste wat het kost in het echt wil ontmoeten. Het verhaal eindigt met een fantastisch plot. Ik heb vooral genoten van de stukken waarin hij voorleest in een bejaardentehuis, hilarisch!

Een zwerm omaatjes streek neer op de stoep, zodra ze hem in het oog kregen, en fladderden klapperend met al hun loszittende gebitjes vrolijk tsjilpend om hem heen. Hij zou er zijn hoofdpijn bijna van vergeten.

De voorlezer van 6:27 is werkelijk een magisch verhaal, heb niet eerder een boek gelezen dat hier op lijkt, volstrekt uniek. In het begin heb je nog even zoiets van waar gaat dit verhaal naartoe, maar in de loop van het boek wordt het verhaal steviger en lees je het in één ruk uit (het heeft ook maar 183 bladzijdes). Waarom het overal vergeleken wordt met Amélie, snap ik niet, omdat het ook Frans is? Zeker een aanrader!

Fragment

‘Tien volle minuten al klonk de stem van Yvonne Pinchard in de oren van de priester. Het sierlijk bewerkte roostertje waarachter pater Duchaussoy zat was machteloos tegenover de onophoudelijke stroom gefluisterde zinnen die in grote golven lettergrepen en woorden van de ene naar de andere kant van de biechtstol spoelden. Haar dreinerige stemgeluid was zwanger van spijt en berouw. Van tijd tot tijd mompelde de geestelijke een bemoedigend en discreet ‘ja’. Na tientallen jaren in het priesterambt had hij de biecht afnemen tot een kunst verheven en wist hij zijn biechtelingen zonder ze ooit in de rede te vallen aan te sporen door te gaan. Zachtjes over de gloeiende kolen blazen, de zonde oprakelen tot de boetedoening volgde. Ze nooit met zelfs maar een vermoeden van vergeving tegemoetkomen. Nee, ze tot het bittere eind laten doorgaan, tot ze uiteindelijk zelf bezweken onder de last van hun eigen berouw. De vlotte start van haar biecht ten spijt, had Yvonne Pinchard nog zeker vijf minuten nodig om haar ziel te ontlasten. Met zijn rug tegen de achterwand geleund, onderdrukte de man van het geloof de zoveelste geeuw, terwijl zijn maag rommelend protesteerde. De oude geestelijke had honger. In zijn eerste jaren als priester had hij geleerd op de avond van de biecht niet meer dan een sobere maaltijd te nuttigen. Meestal stelde hij zich tevreden met een eenvoudige salade gevolgd door fruit dat in dat seizoen toevallig voorhanden was. Niet meer eten dan strikt noodzakelijk was en ruimte houden voor de rest. De last van de zonde was geen loze metafoor. O god nee! Twee uur biechtwake konden je evenzeer verzadigen als een communiebanket. Een gootsteenafvoer, dat was hij, als hij samen met God opgesloten zat in die krappe ruimte. Een afvoer, niet meer en niet minder, een sifon die met zijn metalen hals al het vuil van de wereld moest verzwelgen.’

image (42)

Titel: De voorlezer van 6:27
Schrijver: Jean-Paul Didierlaurent
Uitgever: Xander
isbn: 9789401602921

Portret van een man – Jens Christian Grøndahl

image (39)

Volgens Lily

Enige tijd geleden lazen we met mijn leesclub in Utrecht het boek Vaak ben ik gelukkig van de Deense schrijver Jens Christian Grøndahl, een fantastisch boek, vooral omdat de hoofdpersoon een vrouw is, en de schrijver dus een man. Nu gebeurt dit natuurlijk vaker, maar Grøndahl doet dit zo waanzinnig goed, dat je je bijna niet kunt voorstellen dat een man dit verhaal geschreven heeft. Bij het lezen over de achtergrond van deze schrijver werd meerdere malen het boek Portret van een man genoemd als zijnde een van de beste boeken van Grøndahl. Dat maakte nieuwsgierig!
Persoonlijk vond ik Vaak ben ik gelukkig een makkelijker boek om te lezen, maar ook Portret van een man is weer een fantastisch boek . De hoofdpersoon blikt terug op zijn leven aan de hand van de vrouwen die daarin een belangrijke en vormende rol hebben gespeeld. Na Lisbeth, komt Erika, komt Maria, komt Benedicte… En bij iedere vrouw weet je: ook dit gaat voorbij. Toch beschrijft Grøndahl al deze episodes uit het leven van de hoofdpersoon met de juist pen, waarmee je een goed beeld krijgt. Portret van een man is een roman over de vergankelijkheid van de tijd en de hang naar een nóg voller, nóg rijker en mooier leven. En waar eindigt dit dan vraag je je gaandeweg af…. Het boek bevat fantastische beschrijvingen over het belang van kunst, literatuur en muziek in het leven. En dat sprak mij natuurlijk enorm aan. Een aanrader!

Fragment

Ik was gefascineerd door de grote rotsblokken die tussen de sparren lagen: manshoog begroeid met mos. Ik trok haar mee door het kreupelhout, we liepen om het ene granietblok na het andere heen. Iets aan hun massieve, onverplaatsbare zijn hield me gevangen. Het gespikkelde patroon van kortstmossen deed me denken aan hagedissenruggen en dat zei ik tegen haar. Ze deed haar best om te glimlachen. ‘Kom nou,’ zei ze, ‘het zijn gewoon stenen!’
Ik keek haar in de ogen, bijna boos. Nee, het waren niet gewoon stenen. Net zoals de aarde een dampkring had van zuurstof waarvan alle leven afhankelijk was, had het menselijk leven ook een dampkring. Die heette fantasie of voorstellingsvermogen en net als van zuurstof waren wij daarvan afhankelijk om te kunnen ademen, maar dan in geestelijke zin. Sceptici hadden gelijk als ze zeiden dat de liefde een product was van de fantasie, omdat ze opzichzelfstaand, buiten ons bewustzijn, niet bestond, maar ze vergisten zich als ze de conclusie trokken dat de liefde daarom kon worden afgedaan als illusie. Want alles wat voor mensen belangrijk was, wat meer was dan puur overleven, alles wat ons van de dieren onderscheidde, bestond slechts dankzij ons voorstellingsvermogen…

image (40).png

Jens Christian Grøndahl

Titel: Portret van een man

Schrijver: Jens Christian Grøndahl

Uitgeverij: Meulenhoff

isbn: 9789029090438

Tirza – Arnon Grunberg

tirza.jpg

Boek versus Film

Volgens Lily

Voor mijn studie Bewerkte boeken las en zag ik onlangs Tirza. Het boek dat de Libris Literatuurprijs 2007 won en geschreven is door Arnon Grunberg verscheen in 2006 en stond direct in de belangstelling omdat Grunberg eens niet schreef over een moeder-zoonrelatie. Tirza gaat namelijk over de verhouding tussen Jörgen Hofmeester en zijn dochter Tirza. Jörgen heeft nog een dochter maar die zit in Frankrijk een bestiert tot zijn grote verbazing en ergenis een bed & breakfast. Zijn vrouw is er vandoor met een ander en woont op een woonboot. Jörgen en Tirza wonen samen en dat bevalt hem prima. Tot de dag dat Tirza haar eindexamenfeest viert en alles anders wordt. Zijn vrouw komt terug en op dat feest ontmoet Jörgen de vriend van Tirza: Choukri. Een alleraardigste Marokkaanse jongen. Maar toch zit het Jörgen niet lekker, want Choukri lijkt op Mohammed Atta, de man die verantwoordelijk wordt geacht voor het ongeluk met de Twin Towers in New York. En Jörgen is niet in staat om dit los van elkaar te zien. Hofmeesters leven lijkt volmaakt maar ‘In werkelijkheid is deze Lul Lampekatoen aan het eind van zijn Latijn’ (uit recensie van Arjan Peters in de Volkskrant). En dat beschrijft Grunberg fantastisch! Tirza gaat met Choukri op vakantie naar Namibië, Jörgen krijgt geen contact meer met haar en besluit haar ter plekke te gaan zoeken.

In de film wordt de rol van Jörgen Hofmeester zeer goed gespeeld door Gijs Scholten van Aschat, die van Tirza door Sylvia Hoeks en Choukri wordt gespeeld door Nasrdin Dchar. Waar het boek een redelijk chronologisch verloop kent, speelt de film met twee verhaallijnen die door elkaar getoond worden: de zoektocht naar Tirza in Namibië en het eindexamenfeest. Continu wordt er geschakeld tussen beide plekken. Noch in het boek noch in de film wordt vertelt wat voor verschrikkelijks zich afspeelt. De ontmoeting met het Afrikaanse meisje Kaisa is in de film veel sterker aangezet, waarschijnlijk omdat ze daar een gezicht heeft. Het hele deel in Namibië heeft in de film overigens een groter aandeel dan in het boek.

Ik vind het een mooie verfilming. De band tussen Tirza en Jörgen komt in beide goed naar voren. In dit geval vind ik de film net zo mooi als de film!

Fragment

Liefde was dan wel een woord dat minder betekende dan vroeger – vrijwel alle woorden betekenden minder dan vroeger – maar er zaten consequenties vast aan een halve eeuw leven, en ruim een halve eeuw leefde Hofmeester nu al. Je liet sommige mensen binnen, je gaf hun voedsel en een bed. Verantwoordelijkheidsgevoel, een diep, alles doordringend verantwoordelijkheidsgevoel, dat had het leven bij hem achtergelaten.
Hij was ingesteld op het samenwonen met Tirza. Ingesteld op het grote lege huis waarin hij rustig kon rondscharrelen zonder veel anderen tegen te komen. De afwezigheid van een partner was geen vloek gebleken, maar vrijheid. Hij was samen met zijn kind. En het was alsof het zo moest zijn, alsof het zo hoorde. Onafscheidelijk waren ze, het kind en hij. Soms wist ze al wat hij ging zeggen nog voordat hij had gesproken. De jongens die hij van tijd tot tijd in de badkamer had aangetroffen, waren niets dan passanten.

arnon grunberg

Titel: Tirza
Schrijver: Arnon Grunberg
Uitgever: Nijgh & Van Ditmar
isbn: 9789038894058

Grand Hotel Europa – Ilja Leonard Pfeiffer

grand_hotel_069

Volgens Lily

Tsja, wat moet ik hiervan zeggen. Een werkelijk fantastisch, heerlijk, ogenopenend epos over grote onderwerpen zoals o.a. de huidige stand van zaken van het continent Europa. Maar ook over de liefde. Vooral over de liefde. Het boek beschrijft Pfeiffers liefdesrelatie met Clio en hoe dat (je voelt het tijdens het lezen al aankomen) eindigt in een breuk. En hoe hij zichzelf dwingt om dit allemaal op te schrijven terwijl hij resideert in Grand Hotel Europa. Een hotel dat tijdens zijn verblijf wordt overgenomen door (hoe typisch) een Chinees.
Na Superba, Brieven uit Genua en Peachez ben ik fan van Ilja Leonard Pfeiffer. Hij schrijft in zo’n mooie stijl, nergens ingewikkeld maar gebruikt toch alle mooie woorden die onze taal rijk is.
Zijn ‘aanklacht’ tegen het massatoerisme in Europa is zo treffend. De miljoenen toeristen die Venetië bijvoorbeeld jaarlijks overspoelen en die de plaatselijke bevolking gewoon aan het verjagen zijn  (‘je kunt in Venetië op iedere hoek een Venetiaans masker kopen, maar voor een kilo tomaten moet je tijden reizen’). De mevrouw die hij tegenkomt in Giethoorn en die vraag hoe laat het daar dicht gaat, alsof het een attractiepark is. Hilarisch.

Een stad die zich uitlevert aan toerisme, verkoopt haar ziel. Terwijl toeristen bovenal op zoek zijn naar een authentieke ervaring, veroorzaakt hun aanwezigheid een teloorgang van de authenticiteit die ze begeren. (…) Toerisme vernietigt datgene waardoor het wordt aangetrokken.

Beetje dubbel is dat ik dit boek las tijdens, inderdaad: een vakantie, waardoor ik echter wel in de gelegenheid was om de 547 bladzijden in een week uit te lezen, ja, het is een echte pageturner. Grappig was dat ik tijdens deze vakantie het Louvre in Abu Dhabi bezocht waar uitgebreid over geschreven wordt in dit boek.
En nu maar hopen dat Pfeiffer hiervoor als beloning een mooie literatuurprijs krijgt, want dat is dan zeer verdiend. Aan het NRC Handelsblad zal het niet liggen, die heeft het boek in januari al uitgeroepen dat ‘Roman van het jaar’.

Fragment

Maar dat moment was niet meer ver weg. In mijn reconstructie van wat er tussen Clio en mij was voorgevallen, was ik bijna aanbeland bij de laatste episode, het hoofdstuk dat het moeilijkste zou worden om te schrijven, omdat het mij zou dwingen opnieuw te beleven wat ik liever helemaal niet had beleefd, en ik zag er misschien nog wel meer tegen op om het het geschreven te hebben, omdat ik daarna nogmaals afscheid zou moeten nemen van Clio. Zolang de punt achter de laatste zin op de laatste pagina niet was gezet, was zij in zekere zin nog bij mij op de blanke bladzijden van de resterende cahiers. Dan waren er nog avonturen te vertellen en kon ik haar nog beschrijven, zoals ze lachte wanneer ze wakker werd in de ochtend en zoals ze de avond stil kreeg met het schoonschrift van gebaren, en dan bestond er zelfs in theorie de mogelijkheid dat het verhaal anders zou aflopen dan het was afgelopen, ook al bestond die mogelijkheid niet. Maar wanneer het gedaan was, was het gedaan. Ik miste Clio en zag ertegen op haar dubbel te missen.
Ik wist dat het de bedoeling was dat er vervolgens als bij toverslag een soort helderheid zou optreden en dat ik zaken zou gaan begrijpen, om te beginnen waar ik heen moest, maar ik wist niet meer zeker of ik daar nog wel in geloofde. Misschien was ik bang voor die helderheid en prefereerde ik het geritualiseerde bestaan in een hotel op de wolken dat was losgeraakt van de wereld en dat werd bewoond door herinneringen aan een beter verleden. Helderheid zou de leegte te helder maken. De mist past mijn gemis beter. (wat een mooie zin!)

DSC01612_f7c

Het Louvre in Abu Dhabi

Titel: Grand Hotel Europa
Schrijver: Ilja Leonard Pfeiffer
Uitgeverij: De Arbeiderspers
isbn: 9789029526227

Hoe alles moest beginnen – Thomas Verbogt

hoe_alles_moest_beginnen_a45

Volgens Lily

Soms lees je een boek waarvan je niet weet van je ervan moet vinden. Hoe alles moest beginnen van Thomas Verbogt is zo’n boek. Met dit boek stond hij op de shortlist van de Libris Literatuurprijs 2018 (dit voor de tweede keer, want met het boek Als de winter voorbij is uit 2016 lukte hem dit ook al). Terwijl ik het las merkte ik dat het verhaal me niet echt pakte. Toen ik de recensies later las en dat goed op me in liet werken, merkte ik dat mijn waardering toenam. Sommige stukken heb ik nog eens nagelezen en ik ben eruit: het verhaal doet me niet veel, maar de schrijfstijl vind ik – over het algemeen – mooi. Er zijn namelijk ook wel beschrijvingen die me irriteren, zoals “niemand heeft van die nijdige billen” of “Lucia was zo teer, zo teer. Wat zij voelde als we elkaar kusten, wist ik niet, maar ik was met haar teerheid verbonden.” En het is hier en daar ook wel wat zweverig. Het probleem verder is, is dat er niet echt iets verrassends gebeurt in het verhaal, het meandert maar een beetje voort, maar dat is zoals het leven zelf zegt Verbogt: “Omdat ons leven uit dergelijke kleine verhalen bestaat. We hebben natuurlijk wel grote plannen, maar veel verder dan kleine verhalen komen we niet.” En dat klopt natuurlijk ook. Wanneer je het boek op die manier leest, en niet teveel ‘verhaal’ verwacht, is het een mooi geschreven boek over een verloren liefde, over het zoeken naar geluk en het accepteren van het leven zoals het komt. En dan heeft het op de laatste pagina’s toch nog iets spectaculairs te bieden. Aanrader!

Ik wilde niet naar tante Emma, want ik moest me concentreren op wat het afscheid van Licia bij me teweegbracht. Ik wilde aandachtig lijden.

Fragment

Ik wil het tegenhouden, maar kan het niet, het is een overweldigend gevoel van ontroering, het golft door me heen, maakt mijn ogen vochtig en warm, vervult me zo sterk dat ik even moeite heb met ademen. Een paar keer overkwam met het eerder in mijn leven. Het heeft met geluk te maken en de paar seconden die dat geluk nodig heeft om geluk te zijn, om dan weer te vervagen en een herinnering te worden die zich nauwelijks laat verwoorden omdat ieder woord dat ervoor te bedenken valt het tekortdoet. Het is ook de gedachte dat nu alles op mag houden, want beter kan het leven niet zijn en hierna is het leven alleen nog maar een verhaal dat je leest en zo nu en dan meemaakt, maar wat het leven leven maakt, is nu, deze paar seconden die zo kolossaal van omvang zijn en gedurende die paar seconden eeuwiger dan de eeuwigheid lijken. Dit is het, dit is alles, alles, alles.

thomas_verbogt_3b5

Thomas Verbogt

Titel: Hoe alles moest beginnen
Schrijver: Thomas Verbogt
Uitgever: Nieuw Amsterdam
isbn: 9789046822906

De verloofde van de postbode – Denis Thériault

verloofde_van_de_postbode_165

Volgens Lily

Eerst was er De eenzame postbode en nu De verloofde van de postbode. De Canadees Denis Thériault (1959) brengt de personages van zijn eerste boek terug in het tweede en voegt daar Tanja Schumpf aan toe. Tanja is 23 jaar, komt uit Beieren en reist naar Montreal om er te gaan studeren, haar Frans te verbeteren en een jongen te ontmoeten die ze via internet heeft leren kennen. Veel gaat fout tot ze de eenzame postbode Bilodo ontmoet. En hem wil ze hebben, koste wat het kost. Al haar charmes gooit ze in de strijd. Maar Bilodo is met iets heel anders bezig: de exotische Ségolène uit Guadeloupe. Het verhaal dat zich dan ontspint is vreemd, over-the-top, maar ook mooi en ontroerend. Want is in de liefde niet alles geoorloofd? De haiku’s die tussen alle pagina’s terug te vinden zijn geven het boekje iets poëtisch. Ondanks dat je tijdens het lezen Tanja af en toe een reality check zou willen geven, oogst ze ook bewondering. Ze weet wat ze wil en gaat hier meer dan 100% voor. Dat de waarheid echter altijd zegeviert bewijst het einde van dit prachtige verhaal maar weer. Aanrader!

Fragment

Het was al april toen Tanja, bij het afruimen van Bilodo’s lege bord terwijl hij naar de wc was, op de bar een dubbelgevouwen vel papier vond met haar naam erop. ‘Eindelijk,’ fluisterde ze, in de veronderstelling dat het de haiku was die hij haar had beloofd. Weken en daarna maanden had ze met tanende hoop op dit gedicht gewacht, en uiteindelijk was ze gaan geloven dat Bilodo het was vergeten. En nu werd haar geduld opeens beloond. Brandend van verlangen om te lezen welke compositie Bilodo een hele winter had gekost, vouwde Tanja het vel papier open.

Sommige bloemen
schijnen pas te ontluiken
na zeven jaren
sinds lang wil ik u zeggen
hoe innig ik u bemin

Het was alsof een engelenkoor het Gloria in Tanja’s oren begon te zingen. Bevend van vreugde die aan extase grensde ging ze voor de toiletten staan, waar Bilodo even later nietsvermoedend uit tevoorschijn kwam.

In het boek zijn vele haiku’s te lezen:  een vorm van Japanse dichtkunst, geschreven in drie regels waarvan de eerste regel 5, de tweede regel 7 en de derde regel weer 5 lettergrepen telt.

En zo gaan wij voort
niet wetend dat onze weg
allang is bepaald

Omlaag gedwarreld
een eerste verse sneeuwvlok
hij smelt op mijn neus

Dat de Beukenstraat
vooral met esdoorns vol staat
dat is niet mijn schuld
denis_theriault_131

Denis Thériault

Titel: De verloofde van de postbode
Schrijver: Denis Thériault
Uitgever: Meulenhoff
isbn: 9789029092616