Appels vallen niet – Liane Moriarty

Volgens Lily

Al eerder las ik boeken van Liane Moriarty: Het geheim van mijn man en Kleine grote leugens. Van dit laatste boek werd een populaire tv-serie gemaakt: Big Little Lies met o.a. Reese Witherspoon en Nicole Kidman. En nu dus Appels vallen niet. Het verhaal gaat over het gezin Delaney, een gezin om ogenschijnlijk jaloers op te zijn. Ouders zijn voormalig tennisleraren Stan en Joy en hun vier inmiddels volwassen kinderen. Allemaal druk druk druk. Maar dan verdwijnt Joy….

‘We kunnen geen gegevens vinden die erop wijzen dat je moeder het land heeft verlaten,’ zei Christina. ‘En we weten bovendien dat ze haar paspoort niet bij zicht heeft.’

Zoals bij veel romans heeft dit ook de opzet dat er twee verhaallijnen zijn: het ‘nu’ en het ‘verleden’. Afgewisseld per hoofdstuk. Uiteindelijk leiden die tot het laatste hoofdstuk waarin alle plotlijnen samen komen. Maar toch was ik enigszins teleurgesteld toen ik las waar Joy nou geweest was.

Daarom had Brooke het gezicht van dat kleine meisje herkend in dat artikel. Ze had Savannah als kind een keer ontmoet. Het was geen toeval dat ze bij haar ouderlijk huis op de stoep had gestaan: ze was er al een keer geweest.

Ook van Appels vallen niet is een tv-serie in de maak. Liane Moriarty, kun je met recht een bestseller auteur noemen. Ze is een van de meest succesvolle Australische schrijvers die er is. Het zou ook aan de vertaling kunnen liggen, maar ik vond de taal in dit boek soms irritant. Rare zinnen, rare conclusies. Maar goed, als je lekker snel leest, zie je dat allemaal niet en heb je toch 560 pagina’s leesplezier gehad!

Fragment

‘We sliepen in aparte kamer.’ Stan beantwoordde Christina’s vraag met een strakke blik.
‘Was dat een nieuwe ontwikkeling?’ vroeg Christina.
‘Relatief nieuw, ja.’
Ze controleerde haar aantekeningen. ‘En u ging die ochtend meteen weg om melk te kopen?’
‘Ja,’ zei Stan. ‘De melk was op. Ik heb toen ook meteen een krant gekocht.’
‘Juist,’ zei Christina. ‘En toen kwam u thuis, maar u hebt mevrouw Delaney daar niet gezien.’
‘Niet meteen. Ik was… iets aan het lezen, in mijn werkkamer.’
Dat was nieuw. Wat was hij dan aan het lezen?
Ethan leunde naar vore. Christina ook ‘Wat was u aan het lezen?
‘Gewoon wat paperassen.’
‘Wat voor paperassen?’
Stan haalde zijn schouders op. ‘Niks belangrijks.’
Ethan zag de leugen en hij wist dat Christina die ook zag. Hij zag haar wachten. Ze bleef stil. Hij vroeg zich af of haar hart even hard bonsde als het zijne. Stan zei niets. Misschien was hij wel degene met het snelst kloppende hart in zijn kleine kamer.
‘Juist,’ zei Christina later. ‘Dus u was die “paperassen” aan het lezen en toen hoorde u de voordeur.’
‘Ja,’ zei Stan. ‘Ik weet niet waar ze was geweest. Maar ik hoorde haar binnenkomen. En toen ging ik met haar praten, in de keuken. Ze dronk een glas water. Ze leek… zich ergens druk over te maken.’
‘En jullie kregen ruzie.’
‘Inderdaad.’
‘Waarover?’
Hij sloeg zijn armen weer over elkaar. Defensief. ‘Het was een doodgewone ruzie tussen man en vrouw.’
‘Gezien het feit dat uw vrouw het huis heeft verlaten en nu bijna drie weken vermist wordt, zou ik zeggen dat dit meer was dan een gewone ruzie tussen man en vrouw, meneer Delaney.’

Liane Moriarty
Titel: Appels vallen niet
Schrijver: Liane Moriarty
Uitgever: A.W. Bruna Uitgevers

Het feest van de eeuw – Taylor Jenkins Reed

Volgens Lily

Na De zeven echtgenoten van Evelyn Hugo weer zo’n lekkere page turner van Taylor Jenkins Reid. Reid is een jonge Amerikaanse auteur uit Los Angeles die in korte tijd een aantal internationale bestsellers heeft geschreven.

Nog voordat ze antwoord kon geven rolde hij de poster al voor haar uit. Ze had niet bijgehouden hoe vaak er mensen naar het restaurant waren gekomen met een poster van haar, surfend in bikini, en een handtekening van haar wilden. En hoewel ze het heel bizar vond zei ze nooit nee.

Het feest van de eeuw (oorspronkelijke titel: Malibu Rising) gaat enerzijds over een dag in het leven van Nina Riva, een bekend surfster en host van een jaarlijks groot feest. Anderzijds wordt de familiegeschiedenis van de Riva’s beschreven. Het feest staat voor aan dramatische nacht in het leven van een beroemd gezin, waarin ieder van hen voor een keuze komt te staan met gevolgen voor hen allemaal. Deze twee verhaallijnen komen mooi samen aan het eind van het boek.

Nina besloot dat het tijd was om de bijkeuken uit te komen, al was het alleen maar omdat het er bedompt begon te worden. Maar ook omdat ze, zolang het feest toch nog aan de gang was, er iets van mee wilde maken.

Toch vind ik dit boek niet zo verslavend als De zeven echtgenoten van Evelyn Hugo. Daar zaten steeds plotwendingen in die je niet had zien aankomen. Het feest van de eeuw is iets voorspelbaarder. Op de cover staat dat dit boek onderdeel is van: De California Dream-Reeks. Ben benieuwd wat daar mee bedoeld wordt.

Het begon al wat lichter te worden aan de hemel. Nina was doodmoe. Met een onverwachte warmte in haar stem zei ze: ‘Volgens mij is het probleem dat jouw liefde niet zoveel te betekenen heeft, pap.’ Mick sloot zijn ogen. Hij knikte. En hij zei: ‘Ik weet het, schat. Ik weet het. En het spijt me.’

Ook qua taal is het boek niet bijzonder. Er staan geen pareltjes van zinnen in. Maar het is wel een heerlijk boek om lekker op strand te lezen!

Fragment

Ze bekeek zichzelf in de spiegeldeuren van de kasten. Ze leek op haar moeder. Ze kon June zien in haar ogen en wenkbrauwen, in de manier waarop haar jukbeenderen haar gezicht rond maakten. Ze kon haar moeder in haar lichaam zien, kon haar in haar hart voelen, kon haar soms zelfs voelen in wat ze deed. En hoe ouder ze werd, hoe duidelijke het was.
Nina was nu vijfentwintig. En dat vond ze jong klinken, want in haar ziel voelde ze zich veel ouder dan vijfentwintig. Het kostte haar altijd moeite om de feiten van haar leven te rijmen met de werkelijkheid. Vijfentwintig maar ze voelde zich veertig. Getrouwd maar alleen. Kinderloos maar… Ze had toch kinderen opgevoed?
Ze trok een spijkerbroek met omgeslagen pijpen aan en een verschoten Blondie-T-shirt waarvan ze de mouwen had afgeknipt. Ze deed niets aan haar natte haar waaruit druppels over haar rug liepen. Ze gespte haar zilveren horloge om en zag dat het al bijna tien uur was. Om twaalf uur had ze in het restaurant afgesproken voor de lunch met haar broers en zusje.

Titel: Het feest van de eeuw
Schrijver: Taylor Jenkins Reid
Uitgever: ambo|anthos

De overlevenden – Alex Schulman

Volgens Lily

De overlevenden van Alex Schulman is een prachtig boek. Ik kan niet anders zeggen. Alles wat ik over de inhoud van dit boek zou zeggen, is een spoiler. Want het verhaal zit zo ingenieus in elkaar. Dat je als lezer al meer weet bijvoorbeeld. Het verhaal gaat over de drie broers Pierre, Nils en Benjamin en hun jeugd in het vakantiehuis aan het meer ergens in Zweden. De spanning tussen de broers loopt op. Het hele boek werkt toe naar de tragedie die zich destijds heeft afgespeeld. Maar welke tragedie was dat?

Hij dacht dat hij het misschien bij het verkeerde eind had gehad. Hij dacht altijd dat mama was opgehouden te leven, maar misschien was ze alleen maar opgehouden met hem te leven, en met haar gezin.

Hun moeder is inmiddels overleden. Het contact met haar is nooit goed geweest. Ook het contact met elkaar zijn ze een beetje verloren. De reis naar het vakantiehuis is tevens een reis naar het verleden, toen ze door hun ouders volledig aan hun lot werden overgelaten.

En rouw verstomt je.
Pierre en Nils. Ik heb me zo vaak voorgenomen met jullie te praten dat ik uiteindelijk dacht dat ik het ook echt had gedaan.

Na een bezoek aan het huis van hun moeder vallen ineens alle puzzelstukje op de juiste plek. Hoe heeft het zo ver kunnen komen? Ik zou zeggen: lezen dit boek!

Fragment

Je kunt niet zomaar een urn komen halen. U doet een aanvraag waarin u verzoekt een privé-asverstrooiing uit te mogen voeren, u schrijft waar u de as wilt uitstrooien en u voegt een kaart toe of een zeekaart als u dit op zee wilt doen. Vervolgens wordt deze door het provinciebestuur bekeken en na ongeveer een week laat het dan zijn besluit weten’.
‘We hebben helaas geen week de tijd. Dit moet vandaag gebeuren.’
‘Ik laat u geen urn meegeven als ik niet weet of er toestemming is verleend door het provinciebestuur.’
‘Kunt u niet gewoon naar deze papieren kijken? Dan kunt u zien dat er niets vreemds aan de hand is. We staan namelijk een beestje onder tijdsdruk.’
‘We hebben hier een gezegde,’ zegt de man, terwijl hij de documenten op dezelfde stapel legt. ‘Alles op zijn tijd en één ding tegelijk. Als je je met dit soort zaken bezighoudt, mag je geen haast hebben.’
Nils laat een kort lachje horen. Hij stopt de papieren methodisch terug in de map en sluit deze.
‘Dit is het geval. Vandaag zou mijn moeder worden begraven. En gisteravond waren mijn broers en ik in haar flat, om te kijken of daar nog dingen van waarde waren die we wilden hebben, voordat een verhuisbedrijf alles kwam weghalen. Boven in de bureaula van mijn moeder vonden we een brief waarop stond: In geval van mijn overlijden.’

Titel: De overlevenden
Schrijver: Alex Schulman
Uitgever: De Bezige Bij

Mijn zusje en de zee – Donatella Di Pietrantonio

Volgens Lily

Soms lees je een boek dat je gewoon omver blaast. Mijn zusje en deze zee van Donatella Di Pietrantonio is zo’n boek. Het verhaal is mooi, maar hoe het geschreven is, is nog veel mooier. Op een gegeven moment zat ik twee verhaallijnen tegelijkertijd te lezen. Zo ingenieus vervlochten dat het niet één keer ingewikkeld werd. Grote klasse van deze schrijfster.

Ik keek naar Piero en naar de eenzaamheid van zijn voetsporen. Het lukte me niet een begin te achterhalen van wat ons overkwam. Ik had alle tekenen uitgewist, een hele reeks lieve afwijzingen en lichte irritaties genegeerd.

Het Italiaanse origineel heet Borg Sud. Het boek speelt in deze wijk in de plaats Pescara aan de kust van Italië. Van het begin af aan is het onduidelijk waarom de kinderen niet bij hun ouders zijn opgegroeid. En waarom ze zo’n moelijke band met hun ouders hebben. Maar gaandeweg het verhaal wordt dat duidelijker.

Met mijn zusje deelde ik een erfenis van onuitgesproken woorden, nagelaten gebaren, geweigerde zorg. En van zeldzame, onverwachte attenties. We waren dochters zonder moeder. We zijn nog steeds, net als toen, twee van huis weggelopen kinderen.

Het verhaal gaat over twee zussen, de een heet Adriana, maar hoe de vertelster van het verhaal heet wordt niet duidelijk. Hoewel ze elkaar soms jaren niet zien, hebben ze een band die ze altijd weer bij elkaar brengt. Een fantastisch boek dat je, zeker als liefhebber van Italiaanse auteurs zoals ik, moet lezen. Een aanrader!

Ik denk dat het jaloezie was dat ik me ergerde aan de vertrouwelijkheid tussen die twee, het vrijuit met elkaar praten, elkaar zo na zijn. Mijn zusje had me ingeruild voor nieuwe genegenheid.

Fragment

In de Viale Regina Margherita ging ik zo langzaam mogelijk rijden. Adriana keek verstrooid naar buiten, met gefronst voorhoofd, de foto van onze broer op haar schoot. Ik moest nu snel met haar praten, thuis zouden we Piero en het kind aantreffen en dan zou ze me helemaal niks meer vertellen.
‘Weet je dan tenminste wanneer Rafael terugkomt?’ vroeg ik voorzichtig.
Ze schudde geërgerd van nee.
‘Als je me vertelt wat er is gebeurd, kan ik je misschien helpen.’
Ze schoof weg, leunde met heel haar lichaam tegen het portier, alsof ze er schoon genoeg van had. Ze snoof en mompelde iets in zichzelf. Toen boog ze zich plotseling naar me over, haar neus bijna tegen me aan.
‘Je wilt me helpen? Hoeveel geld heb je? Rafael zit tot over zijn oren in de schulden, als je het zo graag wilt weten,’ en ze draaide zich weer van me af, met haar armen over elkaar.
Ik zweeg, overrompeld door deze onverwachte uitval.
‘Blijf je met zo’n slakkengangetje doorrijden? Misschien moet je neefje eten,’ schreeuwde ze ineens. Haar woede vibreerde door de hele auto.

Titel: Mijn zusje en de zee
Schrijver: Donatella Di Pietrantonio
Uitgever: Signatuur

Een vriendschap – Silvia Avallone

Volgens Lily

Op zoek naar een cadeautje zag ik dit boek liggen bij de boekhandel. Kocht het en deed het cadeau. Toen ik het bij de bieb zag liggen had ik zelf eigenlijk ook heel veel zin om het te lezen. Met een week in een strandhuisje in het verschiet nam ik het mee. Een vriendschap van de Italiaanse schrijfster Silvia Avellone is een heerlijk boek om in één ruk uit te lezen, een ware pageturner.

Beatrice keek me woedend aan: ‘Wij zijn geen vriendinnen meer.’ Ik stond perplex. ‘Kies maar: of we gaan die brief op zijn bankje leggen of ik zweer je dat ik nooit meer tegen je praat, dan ga ik weer op mijn oude plek zitten en dan word jij weer het pispaaltje.’ Daar was ze dan, de bitch.

Een vriendschap gaat over twee meisjes die elkaar leren kennen als ze veertien zijn, in een stadje aan de kust van Toscane. Nadat ze samen een spijkerbroek hebben gestolen, ontstaat er een vriendschap die onverbreekbaar blijkt. Maar niets is minder waar. De een verliest zich in boeken en gedichten terwijl de ander het internet ontdekt en er van droomt influencer te worden (nog voordat het woord bestond overigens). En dit leidt meerdere keren tot enorme fricties.

Ze verstopte haar kilo’s onder wijde vesten en spijkerbroeken, ze droeg alleen sneakers. Er zouden ik weet niet hoeveel mensen zijn die het maar wat leuk zouden vinden om haar in die toestand te zien, maar in tegenstelling tot beelden kennen woorden medelijden en gêne.

Het is leuk om te lezen hoe zeer Avallone de schrijfster Elsa Morante bewondert. (Lees mijn blog over Het eiland van Arturo elders op de site.)

‘Lees allemaal Het eiland van Arturo,’ zeg ik altijd tegen mijn leerlingen. ‘Naarmate de toekomst vordert wordt er alleen maar steeds meer weggenomen; er komt niets bij, alleen maar nostalgie.’

Een vriendschap is een zalig boek! Na dit boek dacht ik nog meer van Avallone te gaan lezen en begon met Staal. Dat boek is tien jaar oud en heeft destijds meerdere prijzen gewonnen. Maar na een paar hoofdstukken vond ik het zo op Een vriendschap lijken, dat ik het heb weggelegd. Wat natuurlijk niets over de kwaliteit van Staal zegt…

Fragment

Het is ongelooflijk, nu ik eraan terugdenk, hoe die twee elkaar meteen vonden.
Nu nog krijgt mijn vader er nooit genoeg van om het internet op te gaan om de successen van Beatrice te volgen. En dat snap ik wel: hij is er medeplichtig aan. Maar hij begint ook iedere keer weer over haar als ik hem bel, en dat ergert me. We wonen ver van elkaar, we hebben allerlei belangrijke kwesties te bespreken aan de telefoon – zijn gezondheid bijvoorbeeld – maar hij komt altijd weer bij haar uit, bij Beatrice. Dat ze gisteren in Tokyo was, vandaag in Londen. Dan verlies ik mijn geduld, we krijgen ruzie, ik moet hem erop wijzen dat dit kutreisjes van haar me geen zak interesseren, dat we geen vriendinnen meer zijn, ik verwijt hem dat hij vroeger een en al lezingen, kritieken en verdieping was, terwijl hij nu helemaal wordt verblind door glamour. Maar goed, laat ik rustig blijven en verder vertellen over die dag.
Toen ik de deur opendeed en mijn vader met de boodschappentassen in zijn handen naar binnen keek, zag hij Bea met haar haren door de war, haar rok achterstevoren, twee meter been gehuld in dunne netkousen, en misschien was hij erdoor geschokt, of misschien verrast. Hartelijk loog hij tegen haar: ‘Elisa heeft me veel over je verteld, welkom.’
‘Hallo,’ antwoordde ze hem koket, ‘weet u dat ik zeer geïnteresseerd ben in computers? Zou u me een cursus willen geven?’
‘Wanneer je maar wil!’ Mijn vader hield triomfantelijk de tassen omhoog. ‘En hier is de proviand, meisjes!’
Ik denk dat het een kwestie van instinct was: daar is Bea altijd rijkelijk van voorzien geweest, en mijn vader ook. Zij leefden in de toekomst, ze waren niet bang voor verandering. Terwijl ik, met mijn gedichtenbundels en mijn dagboek met slotje, me op mijn veertiende al had verstopt. Achter woorden, achter papier. Ik bleef achter, bevreesd en argwanend, door een spleet naar hen glurend. Dat was mijn lot.

Andere boeken van Silvia Avallone
Titel: Een vriendschap
Schrijver: Silvia Avallone
Uitgever: De Bezige Bij

Jij mag alles zijn – Griet Op de Beeck

Volgens Lily

Naast volwassenenliteratuur schrijft Griet Op de Beeck ook boeken voor jeugd. Jij mag alles zeggen is het boek dat ze schreef toen ze last had van een writers block. Het gaat over Lexi, die 9 jaar oud is en ooit een broertje had. Alleen leeft haar broertje niet meer en daar is haar moeder letterlijk ziek van geworden.

‘Ik kan me Amos niet herinneren,’ zegt Lexi, ‘zelfs niet als ik het heel hard probeer.’

Het is ontroerend om te lezen wat Lexi allemaal verzint om haar moeder weer aan het lachen te krijgen. Want dat deed ze vroeger, dat heeft ze gezien op foto’s. En wat ze allemaal doet gaat heel ver. Het bijzondere is dat je het hele verhaal in het hoofd van Lexi zit. Hoe zij de wereld ziet is mooi beschreven. In korte zinnen, goed te begrijpen.

Lexy weet niet wat ze moet zeggen. Ze durft niet te bewegen. Ze kijkt mama met grote ogen aan. Maar die staat daar maar te staan, schokkend, huilend. Dit zijn geen blije tranen, die zien er anders uit. Lexi haalt haar handen uit haar zakken. Ze weet zich geen houding te geven. Ze voelt zich kabouterklein nu. Ze heeft het weer verpest. Zij doet het nooit eens goed. Niet voor mama.

Lexi doet er alles aan om het haar ouders naar de zin te maken. Soms hartverscheurend om te lezen. Het boek is geïllustreerd met tekeningen van Linde Faas wat het een prachtige uitgave maakt.

Tante Arizona heeft niet alleen cornflakes gekocht, maar ook hummus. Speciaal voor Lexi, want zelf lust ze dat niet. Dat is lief van haar. Nu durft Lexi niks anders meer op haar toast te smeren. Terwijl ze eigenlijk vooral van afwisseling houdt.

Lees dit boek van een kind dat nog niet bedorven is door de wereld van volwassenen. Puur en mooi. Een aanrader!

Fragment

Lexi hoort de deur dichtslaan. Daar is papa. Ze zet het vuur onder het water voor de spaghetti op de hoogste stand. Papa komt binnen.
‘Wat gebeurt er hier allemaal?’
‘Ik maak pasta voor mama. En voor jou, natuurlijk.’
‘Echt waar? Kan jij dat?’
Lexi knikt. Ze is ook wel een beetje trots.
‘Ongelooflijk. Wat een voorbeeldige dochter hebben wij toch,’ zegt papa. Hij geeft haar een aai over haar haar en kijk in de pot. ‘Ruikt lekker zeg. Als het even lekker smaakt, mag jij vanaf nu elke dag koken.’
Heel even krijgt Lexi het benauwd, maar dan ziet ze dat papa grijnst. Hij maakt een grapje.
‘Is mama weer boven gebleven?’
Als papa die vraagt stelt, hoort ze altijd iets in zijn stem. Een toon, waarvan Lexi wou dat ze wist wat die precies betekende. Maar positief is het zeker niet. Misschien moet ze hem het rode boek eerst laten lezen, als mama toch bezig is met andere dingen.
‘Alleen maar na de middag,’ zegt Lexi zachtjes. ‘Ze heeft ook in de fauteuil gezeten, en ze is in de tuin geweest. Lexi probeert het zo vrolijk mogelijk te laten klinken.

Griet Op de Beeck
Titel: Jij mag alles zijn
Schrijver: Griet Op de Beeck
Uitgever: Prometeus

Aquarium – David Vann

Volgens Lily

Eerst las ik Aquarium van David Vann en toen Zomervacht van Jaap Robben. Twee boeken geschreven vanuit de jeugdige hoofdpersoon: in Aquarium is dat de twaalfjarige Caitlin, in Zomervacht is dat de dertienjarige Brian. Beide hoofdpersonen hebben een traumatische jeugd. Caitlin woont samen met haar moeder, die haar geld verdient als havenarbeider, in een klein huis vlak bij het vliegveld van Seattle. Iedere dag bezoekt ze na school het lokale aquarium, terwijl ze wacht tot haar moeder haar ophaalt. Daar ontmoet ze een oude man, die haar liefde voor de vissen lijkt te delen.

De weg heette de Alaskan Way, maar naar Alaska gingen we nooit.

Wanneer je leest, voelen de passages die gaan over de tijd dat ze met de oude man in het aquarium doorbrengt ongemakkelijk. Wat is die man van plan? Dan komt er gaandeweg een duister familiegeheim aan de oppervlakte. Geweldig beschreven door Vann.

Met een moeder kan alles. Ouders zijn goden. Ze scheppen ons en vernietigen ons. Ze vervormen de wereld en herscheppen die in hun eigen vorm, en daarna kennen we alleen nog maar die wereld. Verder bestaat er niets. We kunnen niet meer zien hoe het anders zou kunnen zijn geweest.

David Vann schrijft zo dat, hoe gruwelijk de situatie ook is, je sympathie kunt opbrengen voor alle personages in het verhaal. Voor Caitlin, maar ook voor haar beschadigde moeder. Omdat het verhaal beschreven wordt vanuit een kind blijft het zonder oordelen. Prachtig.

Het begon toen Steve het idee kreeg om een kerstboom om te gaan hakken. Hij had moeten weten dat dat mijn moeder te ver ging. Ze wilde niet dat mijn grootvader een gelukkige kerst met zijn familie had.

Reden om zeker nog eens iets van David Vann te gaan lezen, bijvoorbeeld Goat Mountain.

Fragment

Mijn moeder was moe die avond. Ze ging op de bank liggen en ik kroop tegen haar aan en we keken tv, voornamelijk reclamespots. Weer in ons aquarium, op eigen terrein dat we net zo makkelijk terugvonden als vissen. In ons aquarium hadden we maar vier verstopplekken: de bank, het bed, de tafel en de badkamer. Als op die vier plekken zocht, vond je ons altijd. De kale witte muren waren blauw van het licht van de tv, net zoals glas. Een plafond zat vast boven ons, zodat we er niet uit konden springen en ontsnappen. Het geluid van een filter en een draaiende pomp, het verwarmingssysteem dat ons op de goede temperatuur hield.

David Vann
Titel: Aquarium
Schrijver: David Vann
Uitgever: De bezige bij

ADAM – Wanda Reisel

Volgens Lily

Lezen met een leeskoffer van de bibliotheek houdt in dat je voorafgaand aan het leesseizoen twintig titels kiest waar de de bieb er dan vijf van uitkiest die je gedurende de maanden die komen gaan in je leeskoffer krijgt. ADAM van Wanda Reisel was zo’n keuze. Het leek een leuk boek voor een leesclub, dus. Nog niet eerder las ik iets van Reisel. Ik ken haar voornamelijk van haar vriendschap met Herman Koch waar ze enige jaren geleden samen een boek over schreven: Of heb ik het verzonnen (brieven, 2017).

Het ging hem niet om het geld, rijkdom was niet zijn drijfveer. Het was de vrijheid die hij nastreefde met het geld om eindelijk zijn ware zelf de ruimte te geven.

ADAM gaat over hoofdpersoon Adam Landau uit A’dam die een graai doet uit enkele goede doelen potten en met zijn buit probeert te verdwijnen. Hij reist via Zürich, Shanghai naar Noorwegen. In Shanghai zoekt hij zijn broer Robert op, die helemaal niet op hem lijkt te wachten. Onderweg ontmoet hij de vamp Lili die een bijzondere rol in het hele verhaal gaat spelen. Ze heet overigens niet toevallig Lili (en de cover van het boek zal er ook niet toevallig zo uitzien).

Zijn broer kan zich proberen te verwijderen, geografisch of psychisch, maar als hij omkijkt ziet hij altijd draden geschiedenis aan zijn hielen hangen

Wanneer Adam in Noorwegen aankomt begint er voor hem een moeilijke tijd. Op de cover staat: ‘Je leven is van jezelf, denk je. Tot je beseft dat het een val is. En jij zit erin.’

Adams seksuele begeerte was al vroeg gewekt door het boek Ik Jan Cremer dat hij achter in het boekenkastje van zijn moeder had gevonden. Zo kende hij de flipstand, al wist niemand hoe die ging.

ADAM is een vol boek, veel mensen, veel gebeurtenissen, terroristische aanslagen, veel vrouwen, veel seks, veel van alles. Het is een filmische roman. Maar het is zo geschreven dat je toch door blijft lezen omdat je wilt weten hoe het met Adam afloopt. En met zijn zoon, zijn grootvader, zijn moeder, met Lili en met … (veel dus).

Fragment

-Het spijt me als ik een beetje bot overkom, Adam, maar ik zal je ronduit zeggen, ik voel me niet op mijn gemak met jou in de buurt.
-Wat is er dan? Ik begrijp het niet.
-Je haalt slechte herinneringen bij me naar boven.
-Wat stoort je dan zo aan mij? vroeg Adam.
Hij had zelf helemaal geen slechte herinneringen aan Robert.
-Dit bijvoorbeeld.
-Wat?
-Dat je altijd met je stem over me heen walst, ik kan daar nog steeds niet tegen. Het haalt, ik weet het niet, iets razends in me naar boven.
-Maar wat dóé ik dan? Ik ben me nergens van bewust.
-Ik denk niet dat jij iets dóét.
-Wat dan? Ik weet het niet.
-Zodra jij je mond opendoet slaat in mij alles op slot. Het is net of ik weer tien jaar ben. Je bent het niet zelf. Het is je toon, die arrogantie van je, aanmatigend vind ik dat, je stelligheid, je drukt mij keer op keer weg.
Adam stond versteld, had geen idee dat zijn broertje zich zo aan hem ergerde.
-Heb je dat altijd gehad? Vroeger ook al?
-Ja.
Hij begon medelijden met Robert te krijgen.
-Ik kon niet lang bij je in de buurt zijn zonder dat het aanvoelde alsof ik stikte, ik moest van je weg.
Wat hij hoorde was hem volkomen vreemd. Wasemde hij soms kwaadaardige dampen uit?
-Wat doe je eigenlijk hier? Wat zoek je hier? Verberg je iets? vroeg Robert weer geïrriteerd.
-Ja, ik verberg iets.

Herman Koch en Wanda Reisel in vroeger tijden
Titel: ADAM
Schrijver: Wanda Reisel
Uitgever: Atlas Contact

Confettiregen – Splinter Chabot

Volgens Lily

Ik zag de familie Chabot wel eens op tv en dan dacht ik altijd: dat is het perfecte gezin. Veel liefde, creativiteit en samenhorigheid. Na het lezen van Confettiregen van Splinter Chabot, de derde zoon, is me één ding wel heel duidelijk geworden. De acceptatie van het wel of niet gay zijn, ligt niet alleen bij de ouders maar te meer bij de persoon in kwestie zelf. Zelfs bij de familie Chabot ging dat niet vlekkeloos.

Ze glimlachte, trots twinkelde in haar ogen. Opeens besefte ik dat ik bang was geweest, die paar seconden, die paar stappen die ik in haar richting liep, bang dat ik haar teleur zou stellen. Maar dat was ze niet. Gelukkig. Overduidelijk niet.

Splinter Chabot schrijft met Confettiregen een prachtig boek. Hij voert hoofdpersoon Wobie (anagram van David Bowie) op, maar je weet van het begin af aan dat het zijn eigen verhaal is. Een verhaal dat begint bij zijn jeugd op de lagere school, naar de periode op de middelbare school en naar de periode dat hij het huis uit gaat om te studeren in Amsterdam. Wobie heeft eigenlijk alleen maar vriendinnen. Vriendinnen die al heel snel door hebben hoe het zit met Wobie: hij is gay maar durft daar op de een of andere manier niet voor uit te komen. De gehele middelbare schooltijd heeft hij een crush op Daniël. Maar durft er niets mee te doen. En hoeveel zijn ouders ook een hand proberen uit te steken: Wobie kan alleen dan toegeven dat hij gay is als hij er zelf aan toe is.

Aan het voeteneinde lagen de cadeaus. Zoals altijd prachtig ingepakt – mijn moeder maakte daar serieus werk van. Alsof de pakjes onderling ook een feestje te vieren hadden.

Het boek is sterk omdat het het eigen verhaal van Splinter is en daar kan natuurlijk niets fout aan zijn. Aan het einde biggelde er een traantje over mijn wangen omdat je zijn strijd gewoon voelt. Het boek is nu niet direct mooi literair geschreven. Alles wordt uitgelegd en daar kreeg ik wel eens de kriebels van. Het had van mij ook wel wat korter gemogen. Dat kat-en-muisspel tussen Wobie en Daniël wordt zo enorm uitgekauwd. Maar goed, al met al is Confettiregen toch een dikke aanrader! Ik ben fan van de familie Chabot!

In zijn ogen zag ik dat hij nog niet ver genoeg was, en ik zoende hem niet. Zijn tijd moest nog komen. In zijn ogen zag ik dat in zijn hoofd nog geen confettiregen bestond. Zijn tijd moest nog komen.

Fragment

We zaten in het theater. Billy Elliot. Een kwetsbaar jongetje maar o zo sterk als hij danste. Ballet. Pirouetjes. Ondertussen werd er drank doorgegeven. Daniël keek me aan en gaf mij de fles. Het was cola met wodka, maar met weinig cola. ‘Hier,’ zei hij, ‘maar doe wel voorzichtig.’
Het werd nog donkerder in de zaal. Stiller. Alsof er niet meer geademd mocht worden. Op het podium was nog maar één lichtspot aan. Billy zat op een houten krukje. Zo alleen, omringd door duister, maar wel in het volle licht. Gevangen in de ogen van de mensen die hem zagen, terwijl hij eenzaam en alleen was. Het licht scheen van boven. Hij zat met één been over het andere en pakte een envelop. De brief van zijn moeder. Een mama die niet meer mama kon zijn in het leven. Geen warme kussen, op schoot zitten of samen films kijken voor Billy. Hij pakte de brief en las hem voor.
Heel langzaam voelde ik mijn ogen warm worden. Warm van de tranen. Overvol. Ik huilde, dat wist ik. Ik huilde. Dacht aan mijn brief voor mijn mama. De jongens naast me moesten ook slikken. Iedereen was even alleen. Iedereen was even alleen met zijn mama. De jongens naast me moesten ook slikken. Iedereen was even alleen. Iedereen was even alleen met zijn mama in zijn hoofd. En iedereen wilde een knuffel en kus. Iedereen wilde weer even kind zijn, verstoppertje spelen en gevonden worden, tikkertje spelen en tikker zijn, iedereen wilde vooruitgeduwd worden op een schommel. Heel even was Daniël naar voren geschoven. De tranen bleven niet langer in mijn ogen zitten, maar gleden Maximaliaans over mijn wangen. Daniël hing iets naar voren en draaide toen, zo rustig en wijs als een uil, zijn hoofd naar mij toe, Ik keek niet terug, maar hij wist dat ik hem zag. Ik slikte. Hij zag hoe de tranen van mijn kin vielen. In mijn schoot. Hij bleef even kijken en schoof toen weer langzaam naar achteren.

Splinter Chabot
Titel: Confettiregen
Schrijver: Splinter Chabot
Uitgever: Spectrum

Zomervacht – Jaap Robben

Volgens Lily

Ik laat wel eens een boek liggen, puur omdat de cover me niet aanspreekt. Bij Zomervacht van Jaap Robben was dat het geval. Toch kwam het boek op m’n pad toen ik het voor een leeskring moest voorbereiden. Hoewel ik de eerst helft van het boek dacht: waar gaat dit heen? Greep de tweede helft me aan en moest ik een brok wegslikken bij de laatste pagina’s.

Ik dacht dat we zomaar een stukje gingen rijden. Vliesjes hooi waaien ons tegemoet en komen door de open ramen onze pick-up binnen. Het is oogstseizoen, maar niet voor ons.

Met deze zinnen begint Zomervacht en de toon is direct gezet. Brian van dertien woont met zijn vader Maurice in een caravan in een obscuur buurtje ergens in Frankrijk. Maurice, die altijd om geld verlegen zit, ziet zijn verstandelijk en fysiek gehandicapte zoon Lucien van zestien als een geldboom, en haalt hem tijdens de verbouwing van de instelling waar Lucien woont (omdat hij daar een ruime vergoeding voor krijgt) in huis. In de caravan dus. Maar Maurice heeft geen tijd voor Lucien dus de verzorging komt op Brian neer. De ellende begint al als het speciale bed dat bezorgd wordt niet door de deur van de caravan past en dus maar buiten blijft staan. Brian vergeet Lucien zijn pillen te geven waardoor Lucien druk wordt en ineens veel meer blijkt te kunnen dan Brian van hem kent.

Luciens handen zijn als het grijpertje in de speelautomaat met knuffeltjes. Bijna altijd mis.

Robben vertelt het verhaal door de ogen van een dertienjarige, daardoor is het boek makkelijk leesbaar. Toch wordt het nergens kinderachtig; het taalgebruik is mooi. Het boek kent ontzettend veel metaforen en beeldspraak. Waardoor het luchtig blijft, terwijl het onderwerp schrijnend is. Je leest hoe liefdevol Brian zijn broer verzorgd. Eigenlijk voelt lezen van Zomervacht een beetje voyeuristisch: je krijgt een kijkje in een wereld die je nieuwsgierig maakt, maar waar je eigenlijk liever niet bent. Alles schuurt en wringt.

“Kijk”. Selma wijst naar haar gezicht. Ze heeft zich opgemaakt als een kind dat nog niet binnen de lijntjes kan kleuren.

In de instelling waar Lucien woont, woont ook Selma. Brian vindt Selma die al negentien jaar is, interessant, het is de eerste vrouw die hij van zo dichtbij mee maakt. Er ontstaat een ontluikende relatie waarvan je van het begin af aan voelt dat het niet goed af kan lopen.

Robben schreef met Zomervacht zijn tweede roman (na veel kinderboeken, poëzie e.d.). Zijn debuut Birk was al een groot succes (Nederlandse Boekhandelsprijs), maar ook Zomervacht werd goed ontvangen. De Engelse vertaling (Summer Brother) was zelfs genomineerd voor de Booker International Prize 2021.

Fragment

“Ik moet eventjes weg”. Met een speelgoedautootjes rij ik over zijn arm, hals en achter zijn oor langs door zijn zwarte haar naar zijn voorhoofd. Net zo lang tot hij hikt van het lachen. Lucien beweegt zijn wang steeds richting mijn hand omdat hij wil dat ik hem aai.
“Tot straks.” De deken drapeer ik over zijn enkels, zodat de spanband niet opvalt als pa onverwacht eerder dan ik thuiskomt. Ik voel nog een keer, er passen twee vingers langs elke voet.
“Drink maar extra veel.” Lucien sabbelt de fles vacuüm. “Nog een beetje?” Hij draait zijn mond van me weg. Zijn pols rukt aan de doorschijnende tiewrap waarmee ik hem voor de zekerheid heb vastgemaakt aan een gat in de pallet. Als je niet draait, doet het geen pijn. Ik heb een sok om zijn pols gewikkeld voordat ik de tiewrap eromheen deed. Ik ben echt heel snel weer terug. Zijn deur laat ik open, dan kan het een beetje doorwaaien. “Sorry”.

Titel: Zomervacht
Schrijver: Jaap Robben
Uitgever: Singel Uitgeverijen