10 minuten 38 seconden in deze vreemde wereld – Elif Shafak

Volgens Lily

Nog niet eerder las ik een boek van Elif Shafak. Maar zowel de titel als de cover trokken mijn aandacht en het feit dat het genomineerd was voor de Booker Prize maakte me nieuwsgierig. 10 minuten 38 seconden in deze vreemde wereld is een terugblik op het leven van Tequila Leila. Ze wordt vermoord achtergelaten op en een vuilnisbelt maar beleeft als een soort flashback in ruim 10 minuten nog allerlei ontmoetingen met haar goede vrienden. Ze herinnert zich de geuren van eten en andere zaken die haar aan bepaalde situaties doen denken.

En zo verwierf het enige kind van de vrouwelijke apother in de stad de bijnaam Sabotage. De jongen die op een dag, niet lang nadat Leila van huis was weggelopen, achter haar aan zou komen, helemaal van Van naar Istanbul, de stad waar alle ontevredenen en alle dromers uiteindelijk terechtkwamen.

Leila wordt geboren als het kind van de tweede vrouw van haar vader, maar omdat zijn eerste vrouw geen kinderen kon krijgen, geeft hij Leila aan zijn eerste vrouw. Daardoor wordt haar moeder ineens haar tante. Een wel heel bijzondere situatie, die natuurlijk voor problemen gaat zorgen. Leila verlaat haar geboortestreek en haar bloedfamilie en gaat als jong volwassene naar Istanbul. Daar ontmoet ze allerlei verschillende soorten mensen en maakt ze vrienden, haar waterfamilie, en maakt ze divere vreemde situaties mee.

Elif Shafak (1971) schrijft zowel in het Engels als in het Turks en is de meest gelezen auteur in Turkije. Ze heeft al vele boeken gepubliceerd en haar werk is in meer dan 50 talen vertaald. Daarnaast is ze ook een TED Global speaker (bekijk zeker eens een talk op YouTube!) en zet ze zich in voor rechten van minderheden. Vanwege haar boeken werd Shafak tweemaal aangeklaagd door de Turkse overheid. Wat ze heel bijzonder vindt, want: “Waarom klagen ze mij aan in plaats van iets aan die misstanden te doen waarover ik schrijf?”

Daaropvolgend onderzoek had ook uitgewezen dat er meer dan duizend genen actief bleven in een lijk, nog dagen nadat de persoon dood was verklaard.

“Het boek is een ode aan kracht van vriendschap” zoals de jury van de Booker Prize in haar juryrapport vermeldde. Ontroerend is het moment dat de vrienden van Leila, allemaal buitenbeetjes, haar van de Begraafplaats der Vergetenen (die bestaat dus echt!) gaan halen om haar een waardige laatste rustplaats te kunnen geven.

‘Verdriet is als een zwaluw,’ zei hij. ‘Op een dag word je wakker en denk je dat het weg is, maar het is alleen maar naar een andere plek getrokken om zich op te warmen. Vroeg of laat komt het terug en nestelt het zich weer in je hart.’

Dit boek schreef Shafak voor de vrouwen van Istanbul en voor de stad Istanbul, ‘die altijd al een vrouwenstad is geweest’. Een stad waar ze zelf niet meer kan komen… Een absolute aanrader!

Fragment

De forensisch arts boog zich over zijn bureau, zijn voorhoofd gefronst in uiterste concentratie. Hij hoefde helemaal niet te weten wie deze vrouw was of wat voor leven ze had gehad. Zelfs toen hij net aan deze baan was begonnen, had hij geen belangstelling gehad voor de verhalen van de slachtoffers. Waar het hem om ging was het overlijden op zich. Niet als een theologisch concept of een filosofische kwestie, maar als onderwerp van wetenschappelijk onderzoek. Het bleef hem verbazen hoe weinig vooruitgang de mensheid had geboekt op het gebied van begrafenisrituelen. De mens had digitale polshorloges bedacht, DNA ontdekt en MRI-apparaten gebouwd, maar het bleef hopeloos achter als het erom ging hun doden weg te werken. Dat verliep tegenwoordig nauwelijks geavanceerder dan duizend jaar geleden. Natuurlijk, mensen die te veel geld en fantasie hadden leken wel wat meer keus te hebben dan de rest; die konden hun as de ruimte in laten schieten, als ze wilden. Of zichzelf laten invriezen – in de hoop dat ze over honderd jaar weer tot leven zouden kunnen worden gewekt. Maar voor het overgrote merendeel van de mensen waren de opties tamelijk beperkt: begraven of cremeren. Dat was het zo’n beetje. Als er daarboven een god was, zou die zich wel kapotlachen om zo’n menselijk ras dat intussen atoombommen kon maken en kunstmatige intelligentie kon bouwen, maar zich nog steeds ongemakkelijk voelde bij het idee van hun eigen sterfelijkheid en maar niet kon beslissen was ze met hun doden moesten aanvangen. Het was toch idioot om de dood naar de rand van het leven te verbannen, terwijl de dood juist het middelpunt van alles was?

‘Een urgent pleidooi voor optimisme’, dit essay verscheen in 2020

Titel: 10 minuten 38 seconden in deze vreemde wereld
Schrijver: Elif Shafak
Uitgever: Nieuw Amsterdam
isbn: 9789046826270

Viktor – Judith Fanto

Volgens Lily

In het boek Viktor van Judith Fanto lopen twee verhaallijnen kunstig door elkaar: die van de jeugd van Viktor in Wenen tot aan het begin van de Tweede Wereldoorlog en die van Geertje in Nijmegen in de jaren ’90. Geertje heeft Joodse ouders, familie van Viktor, maar die doen er alles aan om niet Joods te zijn. Geertje is lid van de stam der niet-joodse Joden, zoals ze het zelf zegt.

‘Vreselijk! Ik kan alleen nog tegen walsen. De vierkwartsmaat is besmet sinds duizenden soldaten daarop hebben gemarcheerd.’
‘Maar daar kan de vierkwartsmaat toch niks aan doen?’ zei ik. ‘De propaganda van Goebbel is toch niet de schuld van het alfabet?’

Geertje wil dit ophelderen. Waarom reageert iedereen in de familie zo ontwijkend als het over Viktor gaat? En waarom wil niemand er gewoon voor uitkomen dat ze Joods zijn?

Had ik er een erekwestie van gemaakt het leed in onze familie mede te gaan dragen? Vereenzelvigde ik me zo met mijn familieleden, dat ik me onterecht medeslachtoffer voelde van de Holocaust? Kaapte, of erger nog: koesterde ik de Joodse kwetsuur?

Viktor is een prachtig boek, ik kan niet anders zeggen. Het is het debuut van Judith Fanto, die haar boek baseerde op de lotgevallen van de Weens-Joodse familie van Fanto. Viktor heeft dan ook echt bestaan. Tijdens de ontrafeling van het familieverhaal stuit Fanto op een onwaarschijnlijk familiegeheim. Viktor blijkt heel anders te zijn dan de familie haar wil doen geloven.

‘Ik hou gewoon meer van letters dan van geluid!’ riep ik eens wanhopig ter verdediging van mijn voorkeur voor literatuur boven muziek.

Muziek speelt een belangrijke rol in het boek. De openingszin is dan ook treffend: ‘Mijn grootmoeder werd geboren op de dag dat Gustav Mahler stierf. Amper zeven jaar na de dood van Dvorák. En in de lente waarin Stravinsky’s Petroesjka zijn première beleefde.’

Viktor is zeker een aanrader!

Fragment

‘Met ingang van dit schooljaar zit ik in een andere klas,’ zei Otto.
‘Mooi zo jongen, ik ben trots op je,’ zei Viktor en hij legde een hand op zijn schouder.
Op deze prachtige eerste septemberdag liep hij met zijn neefje in de richting van de woning van mijnheer Dríví, van wie Otto hoboles had.
‘Nou, dat bedoel ik eigenlijk niet,’ zei Otto. ‘Vanaf nu hebben we op onze school Jodenklassen.’
Viktor stond stil en keek Otto aan.
‘Wát zeg je?’
‘Het is echt waar. Ik mag niet meer bij Oskar en Liesl en Henri en alle anderen in de klas, maar zit nu met andere Joodse kinderen in een apart lokaal.’
‘Welke geesteszieke heeft dat bedacht?’
‘De directeur heeft alle ouders een brief geschreven. Er stond in dat de christelijke kinderen zich zonder Joodse kinderen in de klas beter zullen kunnen ontwikkelen.’
Abrupt draaide Viktor zich om en begon weer richting de school te lopen, op de voet gevolgd door Wiener.
‘Viktor, wat doe je, ik moet naar muziekles!’ protesteerde Otto.
‘De muziek zal moeten wachten, eerst even iets oplossen.’

Judith Fanto wint de Hebban Debuutprijs 2020

Titel: Viktor
Schrijver: Judith Fanto
Uitgever: ambo|anthos
isbn: 9789026350764

Verloren in Napels – Heddi Goodrich

Volgens Lily

Als ik ergens naar toe ga op vakantie vind ik het leuk om daar een boek te lezen dat zich in de omgeving afspeelt. Afgelopen maand ging ik (eindelijk een keer) naar Napels in Italië. Op mijn to-read-lijstje stond al Verloren in Napels van Heddi Goodrich. Dus die was snel ingepakt.

Verloren in Napels begon in een stijl die me in eerste instantie niet aansprak, teveel bijvoeglijke voornaamwoorden storen me altijd. Maar óf het verhaal slokte me daarna op zodat ik het niet meer merkte, óf ze werden minder gebruikt. In ieder geval heb ik het boek verder in één ruk uitgelezen. Een mooi verhaal over de Amerikaanse Heddi die als uitwisselingsstudent naar Napels komt en blijft hangen en daar Pietro (van het Italiaanse platteland) ontmoet met wie ze een onstuimige relatie begint, alleen zoals jonge mensen dat kunnen: ze zweren voor altijd bijelkaar te blijven. En de derde hoofdpersoon is het chaotische Napels zelf.

Iedereen barstte in lachen uit, en ik toverde ook een solidair lachje tevoorschijn. Pietro lachte mee, tot hij zijn sierlijke vingers nadenkend om zijn mond vouwde en zijn ogen recht op mij richtte.


Het boek is opgebouwd uit mailtjes van Heddi aan Pietro en vice versa die zich in een latere tijd afspelen dan het verhaal van hun studententijd in Napels dat wordt beschreven. Dat geeft een mooi effect aan het verhaal. Sommige dingen weet je als lezer al terwijl het zich nog moet afspelen. Zeer goed gedaan door Goodrich.
De overige personages in het boek komen er echter bekaaid af. Af en toe wordt er iets over de vriendenkring geschreven maar geen enkel karakter wordt verder uitgediept, maar ja, om hen gaat het ook niet.

Ondertussen lees je over het Quartieri Spagnoli, de oudste volkswijk in Napels waar Heddi en Pietro wonen en studeren. Luidruchtig, rommelig, veel was, veel hitte en stank. Ook de plek waar je de toegang vindt tot Napoli Sotterranea, een ondergronds netwerk van tunnels en catacomben. Leuk wanneer je zelf in Napels rondloopt.

Er groeide niet één boom in de Quartieri Spagnoli en er was ook niet veel licht waaraan je de wisseling van de seizoenen kon aflezen. Die overgang merkte je vooral aan het feit dat de meloenen bij de groenteboer ineens plaatsmaakten voor pompoenen…

Alleen, gaat dit verhaal nou echt over Heddi de schrijfster of niet? Waarom geef je de hoofdpersoon dezelfde naam als je ook beweert dat het een fictief verhaal betreft? En dan niet alleen de naam, nee ook het feit dat hoofdpersoon Heddi naar Nieuw-Zeeland verhuist, 2 kinderen krijgt enz., net als de schrijfster. Maar goed, dat buiten beschouwing gelaten is het zeker een aanrader! Ook als je niet naar Napels gaat 😉

Fragment

Van: tectonic@tin.it
Aan: heddi@yahoo.com
Verzonden: 22 november

Ik besef dat je liever zou horen dat ik dood was. Maar ik leef nog – nog net. Ik verwacht geen antwoord en ik zal je niet vaker mailen. Het is alleen zo dat ik je nu al bijna vier jaar iets wil laten weten. Ik zou je een brief van minstens honderd kantjes moeten schrijven om te proberen alles uit te leggen. Dat zou me nooit lukken. Ik zal je ook nu geen verklaring geven.
Ik ben een sukkel, ik heb altijd vertrouwd op mijn intuïtie, en die is vals, bedrieglijk, onbenullig. Maar ik heb een paar jaar geleden de grootste fout van mijn leven gemaakt – onherstelbaar, onverklaarbaar, onvoorstelbaar. Een tijdlang heb ik mezelf wijsgemaakt (en soms doe ik dat nog steeds) dat ik heb gedaan wat mijn hoofd, mijn intuïtie me ingaf… en misschien was het inderdaad de juiste beslissing, maar het heeft wel mijn leven verpest. Dat wilde ik je gewoon vertellen. Want je hebt het recht te weten dat ik telkens als ik aan tafel zit de neiging heb om mezelf met het bestek een oog uit te steken.
Ik hoop van harte dat dit je een voldaan lachje kan ontfutselen, net zoals ik hoop dat onze tijd samen voor jou alleen maar een vervelende herinnering is, en niet een of ander trauma. Het enige wat ik wil is dat mijn leven snel voorbij zal zijn, dat ik reïncarneer in iemand die beter of iets wat beter is dan mijn huidige ik, en dat ik je dan misschien nog eens tegenkom op een vliegveld in Stockholm of Buenos Aires.

Je hoeft me niet te vergeven, te antwoorden of verdrietig te worden.
Wees gelukkig, krijg kinderen, schrijf boeken, neem cassettebandjes op, maak een heleboel foto’s… zo zie ik jou altijd graag voor me. En als je kunt en wilt, denk dan ook af en toe nog eens aan mij.
p.

Napels

Titel: Verloren in Napels
Schrijver: Heddi Goodrich
Uitgever: Wereldbibliotheek
isbn: 9789028427914

De kolibrie – Sandro Veronesi

Volgens Lily

In Italië is De kolibrie van Sandro Veronesi uitgeroepen tot boek van het jaar door de belangrijkste krant van Italië, de Corriere della Sera. Veronesi is in Italië dan ook een sterauteur. Hoewel hij regelmatig overhoop ligt met de heersende moraal in zijn land: dat het eind van De kolibrie over euthanasie gaat bijvoorbeeld leverende de sterauteur toch weer veel commentaar op.

Hoe vertel je over het ontluiken van een grote liefde als je al weet dat het slecht gaat aflopen?

In De kolibrie springt Veronesi heen en weer in de tijd, tussen 1960 en 2030. Het beschrijft het leven van Marco Carrera die als kind een groeistoornis had en daarom de kolibrie wordt genoemd. Marco blijkt echter in zijn latere leven ook een echte kolibrie te zijn: hoe hectisch zijn leven ook is, hij blijft in evenwicht, wil niet dat er wat verandert.

Hij ging weer gokken: dit was het echte verzet, en zijn redding. Want zo was het nu eenmaal, Marco had in zijn hele leven nooit zo veel plezier beleefd als tijdens het gokken – een plezier dat hij echter lang geleden had opgeofferd voor het gezinsleven.

Marco vindt eigenlijk dat hij niet het recht heeft om te leven. Op een gegeven moment zit hij samen met zijn vriend die voorspellende gaven heeft in een vliegtuig. Zijn vriend wil vlak voor het opstijgt uit het vliegtuig. Marco gaat maar met hem mee. Het vliegtuis stort daarna neer zonder een overlevende. Hij voelt zich daar zijn hele leven schuldig over.

Marco is verliefd op een andere vrouw dan zijn eigen vrouw, de liefde van zijn leven, maar doet daar verder niets mee. Uiteindelijk vindt hij de zin van het leven in het opvoeden van zijn kleinkind: de nieuwe mens.

Het boek is opgebouwd uit fragmenten: mails, telefoongesprekken, brieven, whatsappjes enz. En het heeft verwijzingen naar de populaire hedendaagse cultuur zoals manga-strips, en populaire tv-series en films. In literatuur kom je dat niet vaak tegen. De kolibrie is een heel apart boek, en dat is het. Maar ga het zeker lezen!

Fragment

De plek is Bolgheri, of eigenlijk dat stukje kust ten zuiden van Marina di Bibbona, dat sommigen Renaione en anderen Palone noemen, maar wat de familie Carrera over het algemeen Bolgheri noemt, waarmee ze dus niet het nabije gehucht vlak bij het Castelle della Gherardesca bedoelen, hoewel het direct aan het pijnbomenbos en het strand ligt – en ook dat is overigens nog bijna geheel privébezit van die adellijke familie. Het echtpaar Carrera heeft begin jaren zestig bij dit woeste stukje kust een klein, vervallen huisje kunnen kopen, direct achter de duinen, met een stukje pijnbomenbos eromheen. Dit huis zou het geluk symboliseren dat ze, in hun overtuiging, met twee kleine kinderen en een derde op komst over de wereld zouden verspreiden. De renovatie van de bouwval werd door hen samen in harmonie uitgevoerd, Letizia deed de vorm en Probo de uitbreiding, aangezien het huis in die tijd voortdurend werd uitgebreid en verfraaid, met en zonder vergunningen, om uiteindelijk van het kleine boerderijtje dat het was te veranderen in een elegant toevluchtsoord in het hart van de Maremma. Jammer dat de harmonie tussen Letizia en Probo in de tussentijd was verdwenen; dat ze elk jaar koppig met zijn allen hun vakantie hier kwamen doorbrengen leek voornamelijk automutilatie die verworden was tot een slechte gewoonte.

Titel: De kolobrie
Schrijver: Sandro Veronesi
Uitgever: Prometheus
isbn: 9789044643893

Schuld – Walter van den Berg

Volgens Lily

Mijn broer had nog gezongen op de avond dat hij iemand doodsloeg.

Zo begint Schuld van Walter van den Berg. Een mooie openingszin die je tijdens het lezen van het boek blijft achtervolgen. Want wíe heeft zijn broer dan doodgeslagen? Dit boek speelt in Amsterdam Nieuw-West tussen 2013 en 2015. De twee jaar dat Ron (de broer) gevangen heeft gezeten voor de doodslag. De rest van het boek vertelt het verhaal hoe het zo is gekomen.

Die Polen zitten er net twee maanden. En die jongen van me moest ergens anders gaan wonen omdat ik die Polen in huis moest nemen. Maar ik moest wel omdat er weken waren dat ik iedere dag een uitsmijter bakte voor m’n jongen omdat het geld op was. Ik gaf er ketchup bij zodat ie wat groenten binnenkreeg

Cor en Ron zijn geen onbekende. Walter van den Berg schreef eerder over deze broers. Het boek is in de taal geschreven waarin de hoofdpersonen leven: kort, rauw, zonder opsmuk. De strugle of life wordt beschreven in verschillende hoofdstukken die over verschillende hoofdrolspelers gaan. Alleen het laatste hoofdstuk gaat over ‘Iedereen’. Hoe is het leven als je een geld hebt, of schulden, of een zoon waar je eigenlijk niet voor kunt zorgen. In een recensie las ik dat Schuld “een blik sociale ellende is”. En dat vind ik een mooie samenvatting. Van den Berg weet dit weergeloos weer te geven. Schuld werd uitgeroepen tot boek van de maand bij DWDD. Een aanrader!

Fragment

Ik wist niet of dat treiteren van Ron bewust was, waarschijnlijk niet; Ron had niet door wat ie deed. Het had allemaal met onze moeder te maken, onze heilige moeder en alle fouten die ooit gemaakt waren lagen bij de mensen om haar heen, bij tante Mia, bij mij, bij hemzelf als het zo uitkwam, maar nooit bij onze moeder, en daarom treiterde hij iedereen die het volgens hem verdiende. De fout van tante Mia was dat ze de man die de vriend van onze moeder zou worden aan haar voorstelde toen onze vader een jaar dood was; mijn fout was dat ik haar vriend niet als een vijand zag, en ik denk dat Ron het van zichzelf een fout vond dat ie haar vriend niet meteen het huis uit had geslagen. Dat ie zelf veertien was toen haar vriend in huis kwam, maakte hem niet uit. Ook als je veertien was kon je een man zijn, volgens Ron, dus hij had het ook verkeerd gedaan; alleen onze moeder had geen fouten gemaakt.

Walter van den Berg
Titel: Schuld
Schrijver: Walter van den Berg
Uitgever: Das Mag
isbn: 9789082410624

De menselijke maat – Roberto Camurri

Volgens Lily

Soms lees je over een nieuw boek en dan heb je zo’n ontzettende zin om eraan te beginnen. De menselijke maat van Roberto Camurri was zo’n boek. Daarbij komt dat ik ook erg van Italiaanse auteurs hou. En ik kan ook echt niet zeggen dat De menselijke maat slecht geschreven is, in tegendeel. Maar het heeft niet waargemaakt waar ik op had gehoopt. De flaptekst geeft aan dat het een hypnotiserende roman is over drie vrienden die worstelen met een schuldgevoel, en wanhopig zoeken naar middelen om inhoud en vorm te geven aan hun leven.

In de auto vraagt Anela of hij bij het huis van zijn vader langs is geweest, hij zegt nee; ze vraagt of hij er langs zal gaan, hij reageert schouderophalend, naar buiten kijkend.

Het boek is opgebouwd uit elf hoofdstukken die allemaal over verschillende personages gaan uit het slaperige dorp Fabbricio. Sommigen hebben iets met elkaar te maken andere weer niet, dat maakt dat het boek een beetje als los zand voelt. Misschien moet ik het nog een keer lezen om de diepere laag te ontdekken. Volgens het dankwoord heeft Stephen King Camurri de inspiratie gegeven voor het hoofdstuk Asfalt.

Valerio glimlachte ook maar, hij wist niet wat hij anders moest doen, dat ze naast hem zat was iets vreemds, en het was nog vreemder dat hij zich op zijn gemak voelde.

Wat wel werkelijk heel irritant is, wanneer er bijna op iedere pagina melding gemaakt wordt van het feit dat iemand een sigaret opsteekt.

Fragment

De dag erna was het zaterdag, hij was laat wakker geworden, het was al heel warm, hij was bezweet wakker geworden en had zijn hand uitgestoken naar zijn telefoon om te kijken hoe laat het was. Er was een sms: Neem me mee naar zee.
Hij was overeind gaan zitten, had met zijn handen over zijn gezicht gewreven en weer op zijn telefoon gekeken:
Neem me mee naar zee. Hij was uit bed gestapt, had de luiken dicht gedaan, zijn moeder zei altijd dat je de luiken dicht moest houden omdat anders de warmte binnenkwam, hij had de kast opengedaan en had een zwembroek gezocht onder zijn kleren. Zijn mobiel klonk opnieuw, hij had opgenomen, nee, vandaag ben ik er niet. Nee. Dat gaat je niks aan, waarom wil je weten, nee, kom op, zit niet zo te… ja, oké, ik heb met een meisje afgesproken, nou ophouden, ik vertel het je wel als ik terugkom, ja, goed dan, zij ja. Ik zeg toch dat zij het is, ja, zij is het wel, nou, dan geloof je het maar niet. Kom op, Valerio, ik moet gaan, tot later.
Davide was groot en stevig. Hij keek in de badkamerspiegel, ineens voelde hij een nieuw besef in zijn buik, hij moest op de groezelige badrand gaan zitten, hij zei bij zichzelf goddomme, ik kan haar hier nooit mee naartoe nemen, ik moet eerst poetsen. Hij trok zijn zwembroek aan en een blauw overhemd, hij keek opnieuw in de spiegel en wat hij zag beviel hem, wat hem vervulde van schaamte. Hij was de trap afgelopen om zijn slippers te zoeken in de woonkamer, zijn telefoon klonk opnieuw, weer een sms: Als je je slippers zoekt, die liggen hier, ik snap niet hoe je gisteravond thuis bent gekomen, hopelijk alles goed.
Hij keek naar zijn voeten, ze waren pikzwart, hij ging ze wassen en schreef haar terug:
Ik pik je over tien minuten op.

Roberto Camurri

Titel: De menselijke maat
Schrijver: Roberto Camurri
Uitgever: De Bezige Bij
isbn: 9789403172804

Het beste van Adam Sharp – Graeme Simsion

Volgens Lily

Jaren geleden las ik Het Rosie Project van Graeme Simsion. Wat een verfrissend boek was dat! Afgelopen week zag ik in een bak met afgeprijsde boeken Het beste van Adam Sharp liggen, ook van Simsion. En ook dit is weer een lekker vlot geschreven verhaal.

Ik had de bijnaam Seagull gekregen, naar de mop dat consultants net zeemeeuwen zijn: ze komen aanvliegen, krijsen wild en maken een hoop heisa, schijten iedereen onder en vliegen dan weer weg.

Adam Sharp is een man van 49 die, toen hij 26 jaar was als IT-consultant diverse opdrachten in het buitenland heeft gedaan, waaronder enkele maanden in Melbourne. Daar ontmoet hij Angelina, een 21-jarige soapactrice. Ze krijgen een relatie maar Adam reist toch verder naar zijn volgende bestemming. Ruim 20 jaar later krijgt hij ineens een mail van Angelina. Ze zoekt weer voorzichtig contact. Waarom, vraagt Adam zich af. Uiteindelijk gaat hij in op een uitnodiging van Angelina en haar man om voor een week naar Frankrijk te komen. En dan begint het gedonder pas echt.

‘Dit klinkt vast heel genant en oppervlakkig, maar toen ik vijfenveertig werd, zei ik tegen mijn moeder: “Ze zeggen dat vrouwen na hun vijfenveertigste verdwijnen,” en toen zei mijn moeder: “Onzin. Je verdwijnt helemaal niet. Mannen zien je alleen niet meer staan.”‘

Het einde van het boek is een beetje langdradig, blijven ze nou wel of niet bijelkaar. Dat had wel iets korter gekund en het wordt hier en daar ook wat ongeloofwaardig. Wat wel ontzettend leuk is, is de playlist achterin. In het boek komt veel muziek voor omdat Adam graag piano speelt (zie ook de cover van het boek). Muziek speelt ook een belangrijke rol in de liefde tussen Adam en Angelina. Het was heerlijk om met oortjes in naar de muziek uit de playlist te luisteren en tegelijk het boek te lezen.

Fragment

Het perron stond vol mensen die wilden instappen. Het eerste wat ik opving was haar parfum, de geur die ik op twintig passen afstand kon herkennen. Toen stapte de man die voor me stond opzij, en daar stond ze.
Ze was wel veranderd. Haar lippen waren minder vol, haar jukbeenderen geprononceerder, en ze was slanker, eleganter. Haar haar, nog hetzelfde donkerbruin, was korter, zoals ik al op haar Skype-foto had gezien. Ze droeg een zonnebril, een wit topje met abstracte print, een kort jasje, lichtblauwe spijkerbroek, schoenen met hoge hakken en ringen met grote stenen om haar middel- en wijsvingers, die peziger waren dan ik me herinnerde.
We bleven allebei staan en namen elkaar zwijgend op. De menigte dunde uit en de trein reed weg en liet ons alleen achter. Ik wist twee dingen zeker, zonder enige twijfel. Ten eerste dat het de juiste keuze was geweest om haar weer op te zoeken, wat de prijs ook was en wat er ook zou gebeuren. Het was weer net als in Shanksy’s bar, op die avond dat ik ‘I Hope that I Don’t Fall in Love with You’ had gespeeld en haar op me had zien wachten met een Fallen Angel in haar hand, terwijl ze haar zenuwen had proberen te verbergen.
Het tweede wat ik wist, ook al was daar geen enkel bewijs voor – behalve datgene wat er zich zonder woorden tussen ons afspeelde – was dat zij precies hetzelfde voelde en dat niet had verwacht.

Tom Waits
Titel: Het beste van Adam Sharp
Schrijver: Graeme Simsion
Uitgever: Luitingh-Sijthoff
isbn: 9789024573851

Het bolwerk – Matilda Gustavsson

Volgens Lily

In de slipstream van de #MeToo beweging kwam ook het onderzoek naar de macht en misbruik achter de gesloten deuren van de Zweedse Academie in een stroomversnelling. Journaliste Matilda Gustavsson (30 jaar) interviewde vele slachtoffers van artistiek leider Jean-Claude Arnault, getrouwd met Katarina Frostenson, een gerenomeerd Zweeds dichter en lid van de Zweedse Academie (o.a. uitreiker van de Nobelprijs voor de Literatuur). In 1996 ontving de Academie al een brief waarin werd gewaarschuwd voor Arnault, maar daar werd toen niets mee gedaan.

Op 17 oktober komt er op kantoor een collega naar me toe. Ze laat me een post op Facebook zien van de schrijfster Elise Karlsson: ‘Als ik #MeToo zeg, gaan jullie dan niet meer naar Forum? Zullen jullie Jean-Claude dan niet meer op jullie feestjes uitnodigen? Houden jullie dan op hem te verontschuldigen?’

Gustavsson zet haar tanden in dit onderzoek en stuit op seksueel misbruik, intimidatie en corruptie. Ondanks dat Arnault geen lid is van de Academie weet hij bijvoorbeeld wie de Nobelprijs krijgt, voordat het officieel gepubliceerd is. Dit leidt er zelfs toe dat in 2018 geen Nobelprijs voor de Literatuur wordt uitgereikt. Ook nemen vier leden ontslag omdat ze het niet eens zijn met de gang van zaken, wat door de koning van Zweden moet worden goedgekeurd, want benoemingen zijn tot dan toe voor het leven.

De nacht voor de publicatie doe ik geen oog dicht en lig ik in mijn donkere appartement gewoon voor me uit te staren. Als ik al niet sta te roken op het balkon of lamgeslagen op de bank lig. De vloer is bezaaid met documenten.

Na de onthulling in het Zweedse dagblad Dagens Nyheter, verzamelt Gustavsson al haar materiaal in dit boek Het bolwerk. Een fascinerend stukje journalistiek waar ze getuigen aan het woord laat (zie hieronder bijvoorbeeld Emma) en haar proces van onderzoek naar deze zaak uit de doeken doet. Toch schrijnend dat zoveel vrouwen geen aangifte durven te doen of zich überhaupt kenbaar willen maken. Zodat Arnault uiteindelijk voor slechts twee verkrachtingen wordt veroordeeld. Maar dat zal niet alleen in deze zaak aan de orde zijn, helaas.

Een erg goed boek, verwacht geen roman, maar een lekker leesbaar verslag (alleen al die Zweedse namen!) en zeker een eye-opener over de werkwijze van de Zweedse Academie.

Fragment

Emma:

Iedereen heeft het over Jean-Claude. Op de dag dat het artikel verschijnt, komt hij thuis aan de keukentafel ter sprake. Mijn man merkt dat het iets met me doet, maar we kunnen er niet over praten waar de kinderen bij zijn. Later die avond herinner ik hem eraan dat ik hem tien jaar geleden probeerde te vertellen over de verkrachting. Ik zeg dat Jean-Claude de dader was. Mijn man is er sprakeloos van.
Een paar dagen lang praten we niet met elkaar, maar dan biedt hij aan om mee te gaan naar het politiebureau. Ik heb besloten aangifte te doen, ook al is het misdrijf verjaard. Ik denk dat het misschien toch kan helpen als we met velen zijn. De wachtkamer is klein en achter de drie balies zitten geüniformeerde agenten. In de glazen schotten zitten gaten, dus iedereen kan horen wat er gezegd wordt.
Ik vertel zachtjes maar duidelijk waarvoor ik kom en vraag of ik een vrouwelijke agent kan spreken. Als we in de verhoorkamer zitten, weet ik dat ik de verkrachting gedetailleerd moet beschrijven, maar ik heb de gebeurtenissen de afgelopen dagen fysiek en emotioneel zo vaak herbeleefd dat het me onverwacht eenvoudig afgaat.

Maarten ’t Hart over Het Bolwerk
Titel: Het bolwerk
Schrijver: Matilda Gustavsson
Uitgever: Nijgh & Van Ditmar
isbn: 9789038806532

Zonder liefde – Stefan Brijs

Volgens Lily

Het was alweer even geleden dat ik een boek van Stefan Brijs las. Maar ik ga dat zeker inhalen. Destijds werd ik weggeblazen door De engelenmaker. En nu dus Zonder liefde. Wel een mooi verhaal, maar niet erg indringend. De personages blijven een beetje vlak. Je leert Paul en Ava die vrienden zijn maar geen relatie hebben niet echt kennen, iedere keer denk je: nu komt het, maar nee, toch niet.

Ik wilde weten of Ava hem aantrekkelijk vond. ‘Hij lijkt me niet echt knap.’
‘Maar hij heeft wel charisma,’ zei Ava. ‘Zodra je hem ziet denk je dat er iets opwindends gaat gebeuren. Iets wat je niet wil missen. Het zit ‘m in zijn ogen. Heb je daar op gelet?’

Het leest wel ontzettend lekker weg. Brijs kan zeer goed schrijven en boeit van het begin tot het eind. Zonder liefde is dan ook een echte pageturner. Maar het is zo maar ineens afgelopen. Terwijl je nog zoveel had willen weten.

Bénédicte arriveerde de volgende zondag rond drie uur. Ik was nerveuzer dan toen ik haar voor de eerste keer ging zien. Die middag was al bijna volledig in vaagheid opgelost en ook Bénédicte zelf kon ik me nog amper voor de geest halen.

Fragment

De volgende dagen leek Ava van de aardbodem verdwenen. Ik had haar meermaals gebeld zonder gehoor te krijgen en was om mijn toenemende onrust te temperen op zondagmiddag naar haar huis gereden. Haar auto was weg en door het keukenraam zag ik dat op de tafel nog steeds onze glazen van drie dagen eerder stonden. Het pak muizengif stond ongeopend op het aanrecht. De gedachte dat haar iets overkomen was benauwde me, temeer omdat niemand me dat ooit zou laten weten. Ik liet een briefje achter en bleef de rest van de dag thuis, bang dat ik een telefoontje van haar zou missen.
Tegen de avond hield ik het niet meer en besloot ik haar moeder te bellen. Zij stond nog met de naam van haar ex-man (en die van Ava) in de telefoongids. Toen ze opnam vroeg ik onmiddellijk naar Ava.
‘Die woont hier niet meer,’ klonk het kortaf.
‘Weet ik,’ zei ik. ‘Maar ik dacht dat u misschien wist waar ze was. Ze is niet thuis en ik ben dringend naar haar op zoek.’
‘Met wie spreek ik?’
‘O, sorry. Met Paul.’
Het bleef stil aan de andere kant van de lijn. Ik legde uit dat ik bij haar langs was geweest toen Ava net terug was uit Haïti en terwijl ik dat zei herinnerde ik me wat ze me bij mijn vertrek had nageroepen: ‘Laat je niet gek maken door haar.’
Dat deed is dus toch.

Stefan Brijs
Titel: Zonder liefde
Schrijver: Stefan Brijs
Uitgever: Atlas Contact
isbn: 9789025452681


De zusterklokken – Lars Mytting

Volgens Lily

Jaren geleden las ik De vlamberken van Lars Mytting, een toen voor mij nog onbekende schrijver. Ik vond het een fantastisch boek. Inmiddels is Mytting een van de best verkopende schrijvers van Noorwegen. Vooral zijn boek De man en het hout doet het goed. Al zijn boeken hebben trouwens iets met hout te maken. Zo ook De zusterklokken, dat gaat over de sloop van een eeuwenoude (houten) staafkerk met legendarische zusterklokken die het (fictieve) dorp Butangen beschermen tegen overstromingen en ander gevaar. Het verhaal speelt in 1880 en gaat over de jonge boerendochter Astrid Hekne, een jonge dominee en een jonge architect.

Schweigaard wierp aarde op de kist en begon handen te schudden en afscheid van hen te nemen. Astrid maakte een reverence, alsof hij een vreemde was, en de begrafenisgasten vertrokken mompelend, ontevreden en onvoldaan. De dominee had de angel uit de dood gehaald, en het leven had angels nodig, anders was er geen verschil tussen vlieg en wesp.

De zusterklokken blijkt het eerste deel te zijn uit een trilogie. In een interview zegt Mytting dat hij het volgende boek meer in de moderne tijd laat spelen. Grappig is trouwens dat een van de figuren uit het boek Klara Mytting heet; zij is gebaseerd op zijn grootmoeder.

De instrumenten die altijd de moeder redden, nooit de kinderen.
Maar die keuze had ze al een hele poos geleden gemaakt, toen ze bij het Losnesvatn haar handen op haar buik had gelegd en zichzelf de vraag had gesteld: jullie of ik? en haar antwoord even krachtig was geweest als de klank van het brons.

In dit verhaal zijn de magische praktijken en mythes nog volop aanwezig, wat het tot een uniek boek maakt. Mytting die zelf opgroeide in het Gudbrandsdal waar De zusterklokken zich afspeelt heeft een mooi boek geschreven waar traditie en moderniteit met elkaar wedijveren. Wederom een voltreffer van Mytting en wederom een die om hout draait.

Fragment

Het vlammetje van de kaars flakkerde en doofde. De schapen blaatten een beetje maar bewogen zich nauwelijks, alsof ze zelf ook fabeldieren in ruste waren.
Warte,‘ zei Gerhard toen Astrid de kaars weer wilde aansteken. Strooilicht scheen door de wanden, en hij ging vlak bij het portaal staan, legde zijn hand erop en betastte het voorzichtig.
‘Het houtsnijwerk. Je moet het aanraken om het te begrijpen.
Gib mir die Hand.
Dat deed ze.
Spürst du die hier, nein, die hier? Voel je de schubben van de hagedis?’
‘Ja. Ik… ja. Ik voel ze.’
Und hier, Entschuldigung, neem me niet kwalijk… hierboven… een zeeslang. En hier… een draak. Voel je dit … een wolf?’
Het houtsnijwerk was afgesleten door het weer en de eeuwen, maar in het donker, onder haar vingers, waren de vormen scherp, duidelijk, nieuw. Ze liet hem haar hand over de oerkrachten voeren, haar vingers streelden de Fenriswolf en de raven van Odin, en Naglfar, het schip in het dodenrijk dat was gemaakt van de nagels van de overledenen, hij leidde haar hand over vlammen, over een hitte die al voorbij was of die nog moest komen, een strijd tussen licht en donker uit de tijd dat het licht van de duisternis werd gescheiden, hij spreidde zijn vingers en voelde haar warme hand onder de zijne en de harslag van de machten onder hun handen. Ze volgden de eindeloze slang in de duisternis, en de krachten trilden onder hun huid, ze drongen dieper naar binnen en verder naar buiten, in een eindeloze, magische zweefvlucht.

Boektrailer van De zusterklokken (in het Noors)
Titel: De zusterklokken
Schrijver: Lars Mytting
Uitgever: Atlas Contact
isbn: 9789025453954