Roxy – Esther Gerritsen

roxy_ab1

Volgens Lily

Na Dorst was ik erg benieuwd naar dit boek van Esther Gerritsen. En wederom genomineerd voor de Libris Literatuurprijs. Eerlijk gezegd weet ik niet goed wat ik van dit boek moet vinden. Had het leuk gevonden om het met de leesclub te lezen om te horen wat anderen er van vinden. Het is zeer goed geschreven. De ogenschijnlijk simpele manier van schrijven is heerlijk. En het begin van het verhaal is aangrijpend. Roxy’s man wordt dood gevonden in zijn auto mét zijn minnares. Zelf is ze nog maar 27 jaar en moet het nu alleen zien te rooien. Alleen hoe het verhaal afloopt, met die schapen van de cover, is dan weer…..vreemd?

Fragment

Als haar ouders hen uitzwaaien is het gemakkelijk om van ze te houden. Roxy rijdt, ze toetert nog een paar maal. Ze slaan de hoek om en het is stil.
Op de ringweg zegt Roxy: ‘Nu deden ze hun best nog. Kun je nagaan.’
Jane haalt de drop uit het dashbordkastje.
‘Jij hebt helemaal niet gestudeerd?’ vraagt Feike.
‘Ik heb Lingo gestudeerd.’
‘Lingo?’
‘Zeker tien jaar lang elke avond: Lingo. Vijf letters, zes letters, zeven letters, ik versla iedereen.’
‘Niet.’
‘Helaas.’
‘Ik geloof je niet. Jane, geloof jij het?’
‘Ja’, zegt Jane, ‘ik had dat al gelezen.’
‘In mijn boek?’
‘Ja.’
Roxy bloost want ze heeft zichzelf letterlijk geciteerd, een bijdehand antwoord dat ze paraat heeft voor bekende vragen of dat haar alter ego in haar eerste boek paraat had.
‘Waarom elke dag Lingo?’ vraagt Feike.
Roxy zoekt nieuwe woorden, maar haar jeugd is allang een boek geworden dat ze navertelt.
‘Omdat we zo aten, in bed, mijn moeder en ik, terwijl we Lingo keken.’
‘Altijd?’
‘Vaak.’
‘Jezus.’
Roxy spelt: ‘J E Z U S, JEZUS, maar namen mogen niet.’

esther_gerritsen_650

Esther Gerritsen

Titel: Roxy
Schrijver: Esther Gerritsen
Uitgever: De Geus
isbn: 9789044533392

De hemel boven Parijs – Bregje Hofstede

hemel_144

Fragment

En toch kon hij zich niet voortellen dat ze zich altijd zo strak tot één stuk bundelde. In zo’n klein lijf alleen hield geen mens het uit. Als hij zijn ogen dichtdeed, was daar een ruimte die zoveel groter was dan zijn schedel dat het ongelooflijk was dat er één gezicht omheen paste als hij ze weer opende. Dat zijn neus midden in dat eindeloze blikveld stak. Hij kon zich niet voorstellen dat zij kon leven in één lijf, in een klein kamertje, uit één koffer. Ze moest de rest van haar leven in grote dozen op een Nederlandse zolder bewaren.
Hij kwam weer naast haar staan.
‘Mis je Nederland?’
‘Nee. Ik mis Parijs.’
Dat was zo’n absurd antwoord, met om hen heen de traag stromende Seine waar links en rechts de monumenten in weerspiegeld werden, dat hij lachte, een paar zware ‘hâ, hâ, hâ’s’ om hun aanwezigheid te midden van dat alles te verankeren.
Ze haalde haar schouders op en sloeg haar armen over elkaar.
‘Is dat zo gek?’
‘Nou ja. Parijs valt toch moeilijk te missen vanaf hier.’
Ze trok met haar schouders. ‘Ik heb gewoon heimwee, naar dit moment, deze stad, deze tijd.’
‘Nu al?’
‘Juist nu. Nu ik het zie, weet ik dat ik het zal missen.’

Volgens Lily

Een mooi liefdesverhaal. Wat doe je als je in een jong meisje je vroegere vriendin denkt te herkennen. Voor Olivier, professor aan de Parijse Sorbonne, is de studente Fie het evenbeeld van zijn vroegere vriendin Mathilde. En laat Fie nou in precies dezelfde situatie terecht komen als Mathilde vroeger. Welke keuze maakt Olivier nu? Een zeer goed boek, aanrader.

Geachte heer M. – Herman Koch

geachte_heer_m__129


Volgens Lily

Prachtig boek over hoe een boek over een waargebeurde zaak is ontstaan. Moet een schrijver zich altijd aan het waargebeurde houden of mag hij de waarheid geweld aan doen. En en passent wordt de vloer aangeveegd met de literaire wereld, de middelbare school en zijn leraren, vriendschap en nog veel meer. Een pageturner.

Fragment

Er zijn twee soorten leraren. De eerste soort gedraagt zich als een volwassene. Hij wil met ‘u’ worden aangesproken, hij duldt geen tegenspraak of flauwe grappen in zijn klaslokaal, als je je niet kunt gedragen ga je maar even een uurtje op de gang staan, of hij stuurt je met een briefje naar de rector. In alles benadrukt hij de ongelijkheid tussen hemzelf en zijn leerlingen. Het enige wat hij vraagt is respect. Meestal krijgt hij dat ook.
De leraar van de tweede soort is voornamelijk bang. Uit angst gaat hij op zijn hurken zitten. Hij trekt een jongen voor de gein aan zijn haar, hij voetbalt mee op het schoolplein hij draagt broeken en schoenen die heel in de verte een vage gelijkenis met onze broeken en schoenen vertonen, hij wil bovenal aardig gevonden worden. Soms spelen wij, de leerlingen, het spelletje een tijdje mee. Uit medelijden vooral. We doen of we de bange leraar ook echt aardig vinden, we laten hem in de waan dat hij populair is. Maar ondertussen heeft de bange leraar het dierlijke instinct in ons wakker gemaakt. Dieren kunnen angst van een kilometer afstand ruiken. Binnen de kudde is de aardige leraar het zwakke exemplaar. Geduldig wachten we op een geschikte gelegenheid. Een onbewaakt ogenblik waarop de aardige leraar struikelt of ons de rug toekeert. Dan storten we ons met zijn allen boven op hem en verscheuren we hem.
Zowel de autoritaire als de bange leraren behoren tot de middelmatigste mensensoort. Het woord middelbare school spreekt hier van zichzelf al boekdelen. Alleen in schijn word je er in verschillende vakken onderwezen, in werkelijkheid draait het uitsluitend om het zes jaar lang verdragen van een allesverstikkende middelmatigheid. Nergens kun je de middelmatigheid sterker ruiken dan op een middelbare school. Het is een lucht die overal in doordringt, als de luncht uit een pan soep die te lang heeft staan pruttelen. Iemand heeft het gas laag gedraaid en is de pan vervolgens vergeten.

Titel: Geachte heer M.
Schrijver: Herman Koch